Info

Pedagogische project


De scholen als instelling

Onze scholen behoren tot het officieel gesubsidieerd onderwijsnet. De inrichtende macht is de gemeente Kampenhout. Adres: Gemeentebestuur Kampenhout, Gemeentehuisstraat 16, 1910 Kampenhout, 016/659911.

De gemeentelijke basisschool bestaat uit 2 vestigingsplaatsen:

De Toverberg • Torfbroeklaan 25, 1910 Kampenhout, 016/659977

Het Klimtouw • Biststraat 13, 1910 Kampenhout, 016/659986

Het onderwijs dat in onze scholen door de leerkrachten wordt aangeboden past in het referentiekader dat door het pedagogisch project wordt vastgelegd. Dit pedagogisch project is door de gemeenteraad goedgekeurd op 16 juni 2016.

Dit pedagogisch project bepaalt de aard en het karakter van het onderwijsaanbod binnen onze gemeente.

Van de leerkrachten wordt geëist dat ze dit project onderschrijven. Andere participanten worden verondersteld dezelfde opties te onderschrijven.

Het gemeentebestuur heeft, als schoolbestuur, autonomie binnen de vigerende vormgeving en inhoud van het onderwijs. Het verbindt er zich toe om deze vormgeving en inhoud in samenspraak met de verschillende participanten gestalte te geven. 

Het pedagogisch project zal op niveau van de lokale school de “vertaling” vinden in het “schoolwerkplan” en “schoolreglement”.

Alle beslissingen houden uiteraard rekening met de vigerende onderwijswetgeving.


Het karakter van de onderwijsinstelling

De scholen behoren tot het officieel gesubsidieerd onderwijsnet. Als openbare instelling staan de scholen open voor alle kinderen, welke ook de filosofische en religieuze opvatting van de ouders is.

De vrije keuze van een cursus godsdienst of niet-confessionele zedenleer is gewaarborgd. De scholen huldigen de fundamenteel democratische overtuiging dat verschillende opvattingen over mens en maatschappij in een gemeenschap naast elkaar moeten kunnen bestaan.

Om dat doel te bereiken is een samenwerking tussen ouders, school en schoolbestuur noodzakelijk.

Samen werken, samen denken, samen praten is dus een taak voor zowel het leerkrachtenteam, de ouders, de oudervereniging en externe ondersteuning.


De 4 kernopdrachten 

KWALIFICEREN VAN LEERLINGEN

Als school streven we leerdoelen na die maatschappelijk relevant zijn en relevant in functie van de arbeidsmarkt, het vervolgonderwijs en de persoonlijke ontwikkeling. 

We halen voldoening uit het feit dat we kinderen iets kunnen bijbrengen dat ze in hun verdere leven kunnen gebruiken. Het gaat hier niet alleen over kennis, maar ook over waarden en normen, creativiteit, sociale vaardigheden. Zo zien we kinderen groeien, in hun vaardigheden, hun karakter, hun sociale omgang.

TALENTENPORTFOLIO

Talenten ontwikkelen en regisseren en vanuit talenten de studie oriënteren is natuurlijk heel belangrijk. 

Talenten ontwikkelen is kinderen zien groeien naar volwassen worden. De vorderingen opmerken, hun talenten ontdekken, door hen worden verwonderd. Daarnaast is het natuurlijk belangrijk dat we als leerkracht kinderen inspireren vanuit onze eigen talenten.

LEERVERMOGEN VAN LEERLINGEN

Niet alle leerlingen hebben het even gemakkelijk tijdens het leerproces, daarom is het belangrijk om leuke en andere manieren te zoeken om kinderen iets bij te brengen. Deze leerlingen zien vooruitgaan geeft extra voldoening en zorgt voor een hechte band.

BETROKKENHEID 

Samen met de leerlingen, met ouders en met de collega’s school maken zorgt ervoor dat iedereen graag naar school komt. Dit kan alleen als we op een vriendschappelijke en respectvolle manier met elkaar omgaan. Een fijne wisselwerking tussen alle betrokkenen zorgt voor een WAUW-effect. Hierdoor wordt alles wat je samen doet, leert, toont, … wauw.


Onze 4 belangrijkste waarden

In onze school vinden we 4 waarden heel belangrijk: samenwerking, plezier, hulpvaardigheid en respect. Deze waarden zijn zeer belangrijk in het leven, zowel op professioneel vlak als op sociaal vlak. Daarom vinden we het als school ook nodig dat kinderen samenwerking, plezier, hulpvaardigheid en respect als vanzelfsprekend gaan beschouwen. 

Samenwerking en hulpvaardigheid gaan vaak hand in hand. Bij het samenwerken moet men zich hulpvaardig opstellen en ook leren om hulp te aanvaarden van anderen. In onze school zijn er heel veel momenten waarop de kinderen deze waarden oefenen. Natuurlijk zijn er de groepswerkjes in de klas en het takenbord, maar daarnaast vinden we de klasoverschrijdende activiteiten heel belangrijk. We werken met meter/peterschap, tutorlezen en leesgroepen. Daarnaast zijn er ook de verkeersprojecten, de voorleesweek, de zwerfvuilactie, het schoolfeest, de muzische activiteiten en schoolreizen met verschillende klassen. Ook is er een leerlingenraad, waarin alle klassen zetelen om samen activiteiten uit te bouwen.

Respect is onontbeerlijk in het leven. In de eerste plaats moeten we respect hebben voor elkaar, voor elkaars mening en voor elkaars eigenheid. Daarnaast natuurlijk ook voor de omgeving rondom ons en voor het materiaal van anderen en van onszelf. Als school willen we hier rond werken door zelf correct te zijn naar elkaar en naar de leerlingen. Dit kan pas als er duidelijke regels en afspraken zijn en als ook de leerlingen het nut van deze afspraken inzien. Deze afspraken moeten ontstaan in een positief gesprek met de leerlingen. Daarom worden er in elke klas klasafspraken gemaakt en worden er op de leerlingenraad regelmatig schoolafspraken besproken. Tijdens de activiteiten rond sociale vaardigheden, het samen werken en samen spelen leren de kinderen om deze afspraken na te leven en zo op respectvolle manier met elkaar om te gaan. Het respectvol omgaan met de omgeving en het materiaal is een dagelijks aandachtspunt waarbij de speelplaats, de klas, de gang, ... telkens weer in de kijker staan, zodat we kunnen leven en werken in een aangename omgeving. 

Plezier moet je niet alleen beleven tijdens de momenten dat je ontspanning neemt, maar ook tijdens je werk. Hierdoor wordt de kloof tussen werk en ontspanning kleiner en kan je ook meer genieten van je werk. Als mens is het immers belangrijk dat we alles met ‘goesting’ doen en dit kan natuurlijk alleen als we er ook plezier aan beleven. We proberen er dus niet alleen voor te zorgen dat de speeltijd een aangename tijd is, maar ook dat de lestijd een plezierige tijd is. In de eerste plaats zorgen we voor een positief klasklimaat, waar elk kind zichzelf kan zijn en waar de omgang op een vriendschappelijke manier verloopt. Gevarieerde en leuke klasactiviteiten, naast leerrijke uitstappen en meerdaagse extra-murosactiviteiten zorgen voor een aangename klassfeer. Tijdens de leerlingenraad komen ook activiteiten voor de speelplaats regelmatig aan bod, zodat alle leerlingen zich ten volle kunnen ontspannen op hun eigen manier. Dit gaat van de organisatie van middagspel, tot muziek op de speelplaats, een leeshoek, de schooltuin, ...

Wanneer iedereen met respect omgaat met de ander, hulp biedt en samenwerkt, kan het niet anders dan dat men plezier beleeft.


Beginselverklaring neutraliteit van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs

 

Het onderwijs van steden en gemeenten is een openbare dienst en moet per definitie beantwoorden aan de principes van neutraliteit. Deze principes worden vastgelegd in een lokaal pedagogisch, agogisch of artistiek project, in het schoolreglement en in het schoolwerkplan. Ook voor de onderwijspraktijk (keuze van leerplannen en leermethodes) zijn ze richtinggevend. Schoolbesturen, schoolteams, cursisten, leerlingen en ouders stemmen hiermee in en dragen de neutraliteit van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs mee uit.


Wettelijk kader

Open voor iedereen
Scholen, centra en academies zijn toegankelijk voor iedereen die van hun aanbod wil genieten volgens artikel 6bis van de Schoolpactwet van 29 mei 1959. Dit artikel bepaalt dat een officiële school ‘een open karakter heeft door open te staan voor alle leerlingen, ongeacht de ideologische, filosofische of godsdienstige opvattingen van de ouders en de leerlingen’.

Belgische Grondwet en Universele Verklaring van de Rechten van de Mens en van het Kind
Scholen, centra en academies respecteren in hun werking de internationaalrechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind.

Democratisch burgerschap versterken
Scholen, centra en academies respecteren de principes van de democratische rechtsstaat en versterken deze door hun aanbod, door de manier waarop ze zich organiseren, door een participatieve cultuur te stimuleren en door zelf model te staan voor een democratische samenleving.

Actief pluralisme

Verbondenheid stimuleren
Scholen, centra en academies gaan uit van de gemeenschappelijke waarden, overtuigingen, aspiraties … die mensen met elkaar delen, over en door alle mogelijke verschillen heen. Tegelijk spreken ze hun verwachtingen hieromtrent uit tegenover leerlingen, ouders en cursisten. Ze maken in hun curriculum plaats voor gemeenschappelijke waarden. Door hun aanpak stimuleren ze de verbondenheid tussen mensen in hun eigen leer- en leefgemeenschap en in de samenleving.

Diversiteit erkennen en respecteren
Scholen, centra en academies erkennen en respecteren de diversiteit bij hun leerlingen en cursisten op het vlak van filosofische, levensbeschouwelijke en religieuze overtuiging, sociale, etnische en talige achtergrond, nationaliteit, huidskleur, gender en seksuele voorkeur. Tegelijk stellen ze duidelijk de verwachting dat leerlingen, ouders en cursisten de aanwezige verschillen eveneens respecteren, dat ze bereid zijn te luisteren naar elkaar en begrip opbrengen voor andere opvattingen.

Diversiteit als meerwaarde benutten
Voor het realiseren van hun doelen vertrekken scholen, centra en academies van de meerwaarde die diversiteit biedt. Als dat mogelijk en relevant is, spelen ze in op de verschillen tussen leerlingen en cursisten door hun aanpak en door het aanbieden van inhoud (curriculum). Ze doen dat onder meer door een kritische dialoog tussen levensbeschouwingen en overtuigingen te stimuleren.

Lokaal verankerd, open op de wereld en op de toekomst

Lokale verankering
Scholen, centra en academies zijn sterk verweven met de lokale overheid en omgeving. Ze gaan actief op zoek naar samenwerking met andere scholen, buurtbewoners, (groot-)ouders, socio-economische partners of andere partners uit de wijk-, sport-, welzijns-, jeugd- en cultuursector.

Wereldburgerschap
Scholen, centra en academies zijn niet alleen verankerd in de lokale gemeenschap, maar ze staan ook open voor een wereld gekenmerkt door globalisering en internationalisering.

Duurzaamheid
Scholen, centra en academies erkennen de noodzaak om met het oog op de toekomst ecologisch duurzame en gezonde keuzes te maken en ze vertalen die overtuiging in hun aanbod en in hun manier van werken.


Schoolbrochure


Inhoud

Hoofdstuk 1 Situering van onze school

Hoofdstuk 2 Organisatorische afspraken

Hoofdstuk 3 Schoolverandering

Hoofdstuk 4 Ouderlijk gezag in onderwijsaangelegenheden

Hoofdstuk 5 Keuze van de levensbeschouwelijke vakken

Hoofdstuk 6 Ondersteuningsnetwerk

Hoofdstuk 7 Zorg op schoo

Hoofdstuk 8 Toedienen van medicatie

Hoofdstuk 9 Grensoverschrijdend gedrag - integriteit van de leerling


Hoofdstuk 1 Situering van onze school

1.1.Schoolgegevens 

1.1.1 Naam en adres, telefoon

De Gemeentelijke Basisschool Kampenhout bestaat uit 2 vestigingsplaatsen :


De Gemeentelijke Basisschool DE TOVERBERG

Torfbroeklaan 25, 1910 BERG

016/65 99 77

e-mail directie@detoverberg.be

secretariaat@detoverberg.be

website www.detoverberg.be


De Gemeentelijke Lagere School HET KLIMTOUW

Biststraat 13, 1910 NEDEROKKERZEEL

016/65 99 86

website www.hetklimtouw.be


1.1.2 Schoolbestuur 

Wij zijn een gemengde basisschool die behoort tot het officieel gesubsidieerd onderwijs.

Schoolbestuur : Gemeentebestuur van Kampenhout

Gemeentehuisstraat 16

1910 Kampenhout

☏ 016/65 99 11


Schepen van Onderwijs : Gwenny De Vroe

☏ 0495/60 86 60

e-mail gwenny.devroe@kampenhout.vera.be

1.1.3 Scholengemeenschap 


Sinds het schooljaar 2003-2004 werd een scholengemeenschap KASTZE opgericht met de  gemeentescholen van  Kampenhout, Steenokkerzeel, Eppegem, Elewijt en Zemst-Laar.


KAMPENHOUT

Gemeentelijke Basisscholen De Toverberg & Het Klimtouw

Torfbroeklaan 25

1910 Kampenhout

016/65 99 77


STEENOKKERZEEL

Gemeentelijke Basisscholen   Piramide & Tilia

Mulslaan 2

1820 Steenokkerzeel   

02/756 55 00 0475/39 91 98


EPPEGEM

Gemeentelijke Basisschool De Waterleest

Waterleestweg 20     

1980 Eppegem

015/61 88 40 0486/98 85 78


ELEWIJT

Gemeentelijke Basisschool De Regenboog

Molenveld 36     

1982 Elewijt

015/61 88 60


ZEMST-LAAR

Gemeentelijke Basisschool De Pimpernel

Spiltstraat 274     

1980 Zemst

015/62 10 83

1.1.4 Personeel 


Directeur Fanny Cabie

Administratief medewerker Dominique De Winne

Zorgcoördinator Inge Nevens

ICT coördinator Barthel Nees

Leerkracht L.O. Kitty Berckmans


Rooms-katholieke godsdienst Ilse Coenen en Sanne Ramaekers

Niet-confessionele zedenleer Selien Van Dessel en Nastassia Wynants

Protestantse godsdienst Kimberly Meyer en Daphne De Visser

Islamitische godsdienst Hatice Avci 


Basisschool DE TOVERBERG in Berg


instapklas - rode klas Elien Rosenwasser

1ste kleuterklas - groene klas Lieve Verstraeten en Hilde Verstraeten

2de – 3de kleuterklas - paarse klas Yente Mertens

2de – 3de kleuterklas - blauwe klas Romy Westerlinck

2de – 3de kleuterklas - gele klas Loes De Kock 

zorg kleuters Kim Van Huylebroeck 

Kinderverzorgster Daphne De Boeck

1ste leerjaar Gitta Gielis en Hiltje Zijlstra

2de leerjaar Sien Holsters en Sonja Cornelis 

3de leerjaar Johanne Moonens en Linda Charels

4de leerjaar Sarah Neetens 

5de leerjaar Femke Van Ingelgom

6de leerjaar Aileen Billiau en Hiltje Zijlstra

co-teachleerkracht 4-5-6 Leen Vanhee

zorgleerkracht Jullie Bailly


Lagere school HET KLIMTOUW in Nederokkerzeel


1ste leerjaar Saren Van Roy en Hiltje Zijlstra

2de leerjaar Robine Hauloy 

3de leerjaar Veerle Van Meerbeeck 

4de leerjaar Vanessa Trogh

5de leerjaar Eleonor Requejo 

6de leerjaar Sandy Stroobants



1.2. Raden

1.2.1 De schoolraad 

Hierin zetelen leden van het onderwijzend personeel, de lokale gemeenschap en de ouders.

De schoolraad wordt om de vier jaar opnieuw samengesteld en vergadert minimaal driemaal per jaar.

De schoolraad geeft o.a. advies over

  1. het schoolreglement 
  2. de bijdrageregeling
  3. schoolwerkplan
  4. beleidsplan tussen de school en het CLB
  5. jaarplanning extra-murosactiviteiten
  6. infrastructuurwerken
  7. lestijdenpakket
  8. welzijns- en veiligheidsbeleid 


1.2.2 De ouderwerking 

Al vele jaren is er een oudervereniging actief op school.

De oudervereniging heeft tot doel een goede samenwerking na te streven en te bevorderen tussen de inrichtende macht, het onderwijzend personeel en alle ouders. 

De oudervereniging staat in voor het mee organiseren van activiteiten op school. De opbrengst wordt nuttig gebruikt voor het verwezenlijken van bepaalde schoolprojecten. 

Ouders die hun medewerking wensen te verlenen, kunnen zich kenbaar maken bij de oudervereniging.

 

1.2.3 De leerlingenraad 

Er is een leerlingenraad die op regelmatige basis samenkomt. Van elke klas zitten er 2 vertegenwoordigers in de leerlingenraad, die in de klas worden gekozen. De leerlingenraad wordt in de klas voorbereid, zodat elke klas zijn agendapunten kan voorbrengen.


1.2.4 De klassenraad 

De klassenraad is een team van personeelsleden dat, onder leiding van de directeur of zijn afgevaardigde, samen de verantwoordelijkheid draagt voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of een individuele leerling. 


1.3. Partners 

1.3.1 Pedagogische begeleiding

Het schoolbestuur en het personeel laten zich begeleiden door het Onderwijssecretariaat van de Steden en Gemeenten van de Vlaamse Gemeenschap (OVSG vzw)

OVSG is de koepelorganisatie van het stedelijk en gemeentelijk onderwijs.

OVSG maakt de volgende kernopdrachten waar voor de leden: 

  • belangen behartigen;
  • pedagogisch begeleiden;
  • juridische dienstverlening verstrekken;
  • vorming en nascholing aanbieden.

De pedagogische begeleiding wordt verzorgd door Ade Dehandschutter. 


1.4. Onderwijsaanbod (leergebieden) -  Leerplannen

De doelen uit het pedagogisch project worden geconcretiseerd via het gebruik van de OVSG-leerplannen.

Het onderwijsaanbod in het gewoon kleuteronderwijs omvat ten minste de volgende leergebieden: 

  • lichamelijke opvoeding;
  • muzische vorming;
  • Nederlands;
  • Mens en Maatschappij;
  • Wetenschap en Techniek;
  • wiskundige initiatie.

Het onderwijsaanbod in het gewoon lager onderwijs omvat ten minste, en waar mogelijk in samenhang de volgende leergebieden: 

  • lichamelijke opvoeding;
  • muzische vorming;
  • Nederlands;
  • wiskunde;
  • Mens en Maatschappij;
  • Wetenschap en Techniek;
  • Frans;
  • leren leren;
  • sociale vaardigheden;
  • informatie- en communicatietechnologie;
  • ten minste 2 lestijden onderwijs in de erkende godsdiensten of niet-confessionele zedenleer.


1.5. Taalscreening - taalintegratietraject - taalbad

1.5.1. Taalscreening

De school onderzoekt het niveau van het Nederlands bij elke leerling in de derde kleuterklas. Dit gebeurt via een verplichte taalscreening.

De screening gebeurt nooit voor de inschrijving van de leerling en is geen toelatingsvoorwaarde.

1.5.2. Taalintegratietraject

Op basis van de resultaten van de taalscreening voorziet de school een taaltraject voor de leerlingen die het nodig hebben. Dit taaltraject sluit aan bij de noden van de leerling wat het Nederlands betreft.

1.5.3. Taalbad

Als de leerling het Nederlands onvoldoende kent om de lessen te kunnen volgen, kan de school een taalbad organiseren. We opteren voor een semigeïntegreerde werking, waarbij de leerling voornamelijk deelneemt aan het reguliere klasgebeuren en gedurende enkele momenten per week in een aparte groep intensief ondergedompeld wordt in de Nederlandse taal.


1.6. Franse initiatie

Wanneer wij aan taalinitiatie Frans doen, dan is het de bedoeling dit als basis te gebruiken bij het aanleren  van het formele Frans in 5 en 6. Initiatie in een vreemde taal– het woord zegt het zelf – heeft als bedoeling te initiëren, in te wijden in een welbepaalde taal.  

Wij zien taalinitiatie als explorerend leren want we gaan verkennend leren, kinderen nieuwsgierig maken naar de Franse taal. We doen dit als spelend en geïntegreerd bij andere activiteiten. De voordelen van deze natuurlijke leersituaties zijn bij jonge kinderen:

  • Bevorderen van de sociale contacten
  • Durven praten 
  • Openheid voor andere talen en andere culturen
  • Economische meerwaarde

Ons doel is niet de taal aan te leren maar ze incidenteel kennis te laten maken met de Franse taal. Dit kunnen we al vanaf de kleutergroep bevorderen. Plezier beleven moet centraal staan. Dit stimuleert de spreekdurf en het verlangen om een nieuwe taal te leren.

Wij, als school leggen de nadruk op:

  • Tijd nemen om een taal te leren, oefenen en herhalen is belangrijk
  • Continuïteit
  • Spelend aanbrengen van woorden en korte zinnen door gebruik te maken van liedjes, versjes, spelletjes, klaspoppen…
  • Grammaticale regels zijn nog niet aan de orde. (Formele Frans wordt aangebracht in het 5de en 6de leerjaar)

Wij kiezen er als team bewust voor om pas vanaf het 5de leerjaar het formele Frans aan te leren omdat we het belangrijk vinden dat taalinitiatie lang genoeg moet duren om het zelfvertrouwen aan te kweken en de spreekdurf aan te wakkeren. 


Hoofdstuk 2 Organisatorische afspraken


2.1. Afhalen en brengen van de kinderen

2.1.1. Ouders

‘s Morgens worden kinderen afgezet aan de schoolpoort.

‘s Avonds kunnen kleuters in de gang van de kleuterschool worden afgehaald. De kinderen van de lagere school worden afgehaald aan de poort.

2.1.2. Alleen naar huis

Kinderen die alleen naar huis mogen, moeten daarvoor een toestemming binnen brengen op school.


2.2. Lesurenregeling


De Toverberg - Berg

Maandag 8u40 - 12u15 en 13u25 - 15u20

Dinsdag 8u40 - 12u15 en 13u25 - 15u20

Woensdag 8u40 - 12u15 

Donderdag 8u40 - 12u15 en 13u25 - 15u20

Vrijdag 8u40 - 12u15 en 13u25 - 15u20


Het Klimtouw - Nederokkerzeel

Maandag 8u35 - 12u10 en 13u25 - 15u20

Dinsdag 8u35 - 12u10 en 13u25 - 15u20

Woensdag 8u35 - 12u10 

Donderdag 8u35 - 12u10 en 13u25 - 15u20

Vrijdag 8u35 - 12u10 en 13u25 - 15u20


2.3. Toezicht en kinderopvang

2.3.1 Toezicht 

15 minuten voor en 15 minuten na de lessen staan de leerlingen onder toezicht van een leerkracht.


2.3.2 Kinderopvang 

Voor en na de periodes van toezicht, kunnen de leerlingen gebruik maken van de voor- en naschoolse opvang.


De Toverberg - Berg

Maandag 6u45 - 8u25 en 15u35 - 18u45

Dinsdag 6u45 - 8u25 en 15u35 - 18u45

Woensdag 6u45 - 8u25 en 12u30 - 18u45 

Donderdag 6u45 - 8u25 en 15u35 - 18u45

Vrijdag 6u45 - 8u25 en 15u35 - 18u45

Voor de leerlingen vanaf het 3de leerjaar wordt er naschoolse studie ingericht van 15u35 tot 16u35. De naschoolse studie is geen begeleidende studie.


Het Klimtouw - Nederokkerzeel

Maandag 7u - 8u20 en 15u35 - 18u

Dinsdag 7u - 8u20 en 15u35 - 18u 

Woensdag 7u - 8u20 en 12u25 - 14u 

Donderdag 7u - 8u20 en 15u35 - 18u

Vrijdag 7u - 8u20 en 15u35 - 18u


2.4. Schoolverzekering

Alle leerlingen zijn gratis verzekerd tegen lichamelijke ongevallen die hen kunnen overkomen op school, op de weg van en naar school en tijdens de uitstappen in schoolverband.

De verzekeringsmaatschappij is :

ETHIAS

Prins-Bisschopssingel 73,  3500 Hasselt

011/28 21 11


Bij ongeval wordt uw kind door uw huisarts verzorgd indien deze tijdig te bereiken is. Anders wordt een dokter in de buurt van het ongeval geraadpleegd.

De ouders betalen de dokterskosten en vragen aan hun ziekenfonds :

enerzijds de terugbetaling van hun aandeel in die kosten;

anderzijds een attest met vermelding van :

  1. a) het bedrag dat aan de dokter betaald werd;
  2. b) het bedrag dat door het ziekenfonds terugbetaald werd.

Dit verschil wordt, samen met de apothekerskosten en eventuele vervoerskosten, terugbetaald door de schoolverzekering. De rekening van de apotheker moet de vermelding "schoolongeval" dragen. De vervoerkosten moeten gestaafd worden door bewijsstukken.

Vallen niet onder de schoolverzekering: schade aan of verlies van (kostbaar) speelgoed, computerspelletjes, juwelen, e.d.


2.6.Schooltoelage

Ouders die met hun kinderen in Vlaanderen wonen, zullen vanaf september 2019 (schooljaar 2019-2020) hun schooltoeslag niet meer moeten aanvragen. Voor een kind dat al gekend is binnen het Groeipakket wordt het recht op een schooltoeslag automatisch onderzocht en toegekend.

Ouders die met hun kinderen in Brussel, Wallonië, de Duitstalige Gemeenschap of een land van de EU wonen, en waarvan de kinderen naar het Nederlandstalig onderwijs in Vlaanderen of Brussel gaan, zullen gecontacteerd worden door Fons, de uitbetaler van de Vlaamse overheid, om hun gegevens op te vragen. Zo'n onderzoek gaat trager dan een aanvraag. U kunt dus ook zelf een aanvraag indienen vanaf 1 augustus voor het betrokken schooljaar bij een uitbetaler naar keuze.

De schooltoeslag wordt één maal per jaar toegekend, aan het begin van het schooljaar (september of oktober). 

Meer informatie : https://www.groeipakket.be/


2.7. Sport op school

Al onze kleuters en leerlingen kunnen gebruik maken van de sportzaal in Berg. Sport in de breedste zin moet een vaste plaats krijgen in het schoolgebeuren en moet volwaardig geïntegreerd worden in de opvoeding van de leerlingen, zonder dat het leerprogramma eronder mag lijden.

De turnkledij bestaat uit een sportbroek, een T-shirt en een paar gymschoenen.

De klastitularis wordt schriftelijk op de hoogte gebracht indien een kind, om een bepaalde reden, niet mag turnen. In dat geval krijgt de leerling een andere activiteit, zoals lezen, in de turnzaal.


2.8. Afspraken zwemmen 

Uitgaande van het idee dat het schoolzwemmen geen plenspartij mag zijn, geldt het volgende:

  1. de kleuters van de 3de kleuterklas krijgen, om de twee weken, een zweminitiatie in het zwembad te Zaventem;
  2. de leerlingen uit de lagere school gaan om de twee weken zwemmen in Zaventem, waar les gegeven wordt door een zwemleerkracht;

De zwemkledij bestaat uit een zwembroek voor de jongens en een badpak voor de meisjes.

De klastitularis wordt schriftelijk op de hoogte gebracht indien een kind, om een bepaalde reden, niet mag zwemmen. 

De zwemlessen zijn gratis.


2.9. Verloren voorwerpen

De school is niet aansprakelijk voor diefstal of het verlies van persoonlijk materiaal van de kinderen (kledij, fiets, juwelen, gsm, …). 

Ieder gemerkt kledingstuk wordt terugbezorgd, van zodra het teruggevonden is.

Naamloze verliezers kunnen hun toevlucht zoeken in de doos met de verloren voorwerpen.


2.10. Verkeer en veiligheid

De ouders bespreken met hun kinderen, die de school zelfstandig betreden en verlaten, de kortste en veiligste route van thuis naar school en van school naar thuis. De kinderen komen van huis rechtstreeks naar school en gaan zeker van school rechtstreeks, zonder omweg, naar huis.

De ouders zorgen ervoor dat kinderen, die de fiets gebruiken, over een fiets beschikken die verkeerstechnisch in orde en veilig uitgerust is.

Het is belangrijk dat ouders het goede voorbeeld geven en hun kinderen ondersteunen om de verkeersregels na te leven.


2.11. Verjaardagen

Leerlingen mogen trakteren voor hun verjaardag. De traktatie wordt op school opgegeten en gaat niet mee naar huis.


2.12. Leefregels voor leerlingen

Breng geen waardevolle voorwerpen mee naar de school; ze kunnen beschadigd worden of verloren geraken en de school is niet verzekerd tegen verlies, diefstal of materiële schade.

Als er toch iets waardevol meegebracht moet worden, omdat de leerkracht het vraagt, dan blijft dat voorwerp in de klas.

Bepaalde voorwerpen zoals speelgoedwapens, stokken, zakmessen, enz. blijven zeker thuis, ze zijn gevaarlijk.

Het is noodzakelijk dat alle gerief en kledingstukken een naamteken hebben; in ieder geval jassen, schooltassen, turngerief, zwempak, brooddozen. 

Gevonden voorwerpen worden afgegeven en verloren voorwerpen worden gemeld aan de juf (naamloze verliezers kunnen hun toevlucht zoeken in de doos met de verloren voorwerpen);

Men komt deftig gekleed naar school; op sportdagen, georganiseerd door de school, is een sportuitrusting van harte welkom.

Leerlingen die gebruik maken van de opvang houden er rekening mee dat er speeltuigen zijn voor de kleuters: de leerlingen van de lagere school respecteren dat.

Na de lesuren mag de school niet meer betreden worden, ook niet voor vergeten boeken of schriften. 

Na de lesuren en op vrije schooldagen is de school officieel gesloten; de schoolverzekering kan dan ook niet tussenkomen bij ongeval; speelplaatsen en -tuigen kunnen dus niet gebruikt worden; gebeurt dit stiekem toch, dan kan de school niet aansprakelijk gesteld worden bij eventueel ongeval; de school is geen publieke speeltuin.


In de klas en in de gang

In de gang en op de trap wordt er niet gelopen: men gedraagt zich rustig en neemt de nodige stilte in acht.

Leerlingen die binnen moeten blijven wegens ziekte, staven dit door een briefje van de ouders.

In de klas gelden de klasregels: ze worden in september uitgelegd, op andere tijdstippen kunnen ze geraadpleegd worden bij de leerkracht.


In de refter

Op het belsignaal gaat men in stilte in de rij staan, om zich naar de aangewezen plaats in de refter te begeven.

In de refter gedraagt men zich rustig.

Na de maaltijd blijft men nog altijd rustig zitten.

De leerkracht geeft het sein om de refter rustig en in stilte te verlaten.

In de refter worden goede eet- en drinkgewoonten vooropgesteld.


Op de speelplaats

Wees tijdig op school, maar kom niet vroeger dan noodzakelijk.

Bij het binnenkomen op de speelplaats zetten de leerlingen hun boekentassen op de daarvoor bestemde plaats, de leerlingen komen niet in het schoolgebouw behoudens uitzonderlijke toestemming van de toezichthoudende leerkracht.

Poorten, muurtjes, vensterbanken, boekentassenrekken, houten paaltjes zijn geen zitplaatsen, gebruik de zitbanken.

Bij het belsignaal staakt men het spel en gaat men onmiddellijk naar de rij.

In de toiletten wordt er niet gespeeld, noch geschuild tegen regen of koude, na elk gebruik wordt er doorgespoeld, er worden geen voorwerpen of etensresten zoals boterhammen, appels, enz. in de toiletten of urinoirs gegooid om verstopping van de leidingen te vermijden, hiervoor zijn vuilnisbakken voorzien, na gebruik van de wasbak wordt het kraantje dichtgedraaid, toiletpapier is geen speelgoed.

Ruw spel is uit den boze, bij het spelen (ook bij voetbal) kijkt men uit dat niemand schade ondervindt, stoffelijke schade is immers niet begrepen in de schoolverzekering, beschadig dus nooit andermans eigendom, blijf bovendien uit de buurt van fietsen- en boekentassenrekken .

Bij meningsverschillen, plagerijen of ruzies, wordt de toezicht houdende leerkracht aangesproken: wie schopt of slaat, is als eerste strafbaar, ook al is hij / zij niet de aanstootgever van het geschil.

Bij een ongeval wordt, met het oog op verzorging, de leerkracht met toezicht onmiddellijk ingelicht, indien de schoolverzekering moet ingeschakeld worden kunnen alle formulieren 

bekomen worden bij de klastitularis, de ingevulde formulieren worden, zo vlug mogelijk, aan de klastitularis terug gegeven.

De school wordt nooit verlaten zonder toestemming, ook niet om een bal te gaan zoeken die over de omheining beland is, wie ongewild een bal over de draad schopt, haalt hem verplicht zelf terug na toestemming te hebben gekregen.

De leerkrachten bepalen of de leerlingen gebruik maken van het sportveld, zij bepalen eveneens of er buiten of binnen wordt gespeeld, tijdens de speeltijd komen de leerlingen niet in het schoolgebouw behoudens toestemming.

De speelplaats wordt netjes gehouden, op bepaalde plaatsen zijn vuilnisbakken aangebracht, er wordt correct gesorteerd.

Wees voorzichtig op speeltuigen, probeer geen waagstukjes, hang de held niet uit, gebruik de speeltuigen zoals het hoort, zonder ze te beschadigen.

Bij het einde van de lessen zoekt men zo vlug mogelijk de rij op, men blijft niet rondhangen in de gebouwen, op de speelplaats of bij de fietsenrekken.


Hoofdstuk 3 Schoolverandering


3.1. De verantwoordelijkheid voor het veranderen van school in de loop van een schooljaar ligt bij de ouders.

3.2. De nieuwe inschrijving geldt vanaf de dag waarop de directie van de nieuwe school de schoolverandering schriftelijk heeft meegedeeld aan de directie van de oorspronkelijke school. 

3.3. Bij verandering van school door een leerling worden tussen de betrokken scholen leerlingengegevens overgedragen onder de volgende gezamenlijke voorwaarden:

1° de gegevens hebben enkel betrekking op de leerlingspecifieke onderwijsloopbaan;

2° de overdracht gebeurt enkel in het belang van de persoon op wie de onderwijsloopbaan betrekking heeft;

3° tenzij de regelgeving de overdracht verplicht stelt, gebeurt de overdracht niet indien de ouders er zich expliciet tegen verzetten, na, op hun verzoek, de gegevens te hebben ingezien.

3.4. Gegevens die betrekking hebben op schending van leefregels door de leerling mogen nooit aan de nieuwe school doorgegeven worden.

3.5. Bij schoolverandering deelt de school het aantal halve dagen ongewettigde afwezigheid van het lopende schooljaar mee aan de nieuwe school.

3.6. Schoolverandering van het gewoon naar het buitengewoon basisonderwijs kan onmiddellijk zodra de ouders over een inschrijvingsverslag beschikken.


Hoofdstuk 4 Ouderlijk gezag in onderwijsaangelegenheden


4.1   In principe zijn de beide ouders van een minderjarige gezamenlijk verantwoordelijk voor de

opvoeding van hun kind (co-ouders). Zij hoeven daarvoor niet gehuwd te zijn of samen te wonen. Zij

nemen eensgezind de beslissingen over het onderwijs van hun kind.


4.2   Concrete afspraken

De school respecteert de rechten van beide ouders bij alle beslissingen in verband met de opvoeding van de leerlingen zoals:

- bij de inschrijving van de leerlingen;

- bij de keuze van een levensbeschouwelijk vak of de vrijstelling daarvan;

- bij orde- en tuchtmaatregelen;

- bij keuzes i.v.m. de schoolloopbaan van het kind (bv. zittenblijven of niet);

- bij de schoolverrichtingen in het algemeen (bv. bij informatie via nieuwsbrief, bij uitnodiging oudercontacten, bij bezorgen van rapporten, …).

De school gaat ervan uit dat zij door de ouders geïnformeerd wordt indien er rekening moet gehouden worden met een specifieke regeling. 


Hoofdstuk 5 Keuze van de levensbeschouwelijke vakken


Ouders kiezen bij de inschrijving van hun leerplichtig kind:

  1. dat hun kind een cursus in één der erkende godsdiensten volgt;
  2. dat hun kind een cursus niet-confessionele zedenleer volgt.

Als ouders op basis van hun religieuze of morele overtuiging bezwaren hebben tegen het volgen van

één van de aangeboden cursussen godsdienst of niet-confessionele zedenleer, dan kunnen ze vragen

om een vrijstelling te krijgen. De ouders zorgen zelf voor opdrachten. Een vrijstelling betekent nooit

dat een leerling minder tijd op school doorbrengt dan de normale aanwezigheid van alle leerlingen.

De ouders zijn verplicht deze keuze te maken bij de eerste inschrijving in de school. Deze verklaring 

wordt binnen de 8 kalenderdagen bezorgd aan de school, te rekenen vanaf de dag van inschrijving of

vanaf de eerste schooldag van september.

De ouders kunnen voor 30 juni hun keuze wijzigen voor het komende schooljaar. Ze vragen dan een formulier bij de directeur en bezorgen dit voor 30 juni.


Hoofdstuk 6 Ondersteuningsnetwerk


De school is aangesloten bij het ondersteuningsnetwerk ONWCentrum.

Voor algemene vragen over ondersteuning of voor specifieke vragen over de ondersteuning van uw kind binnen de school kan u terecht bij de zorgcoördinator.


Hoofdstuk 7 Zorg op school


De basis van het zorgbeleid op onze school is het zorgcontinuüm.

Aangezien kinderen zich moeten goed voelen 

op school is zorgbeleid een zaak van het hele schoolteam. Het zorgbeleid wordt gecoördineerd door het zorgteam dat is samengesteld uit de zorgcoördinator, de zorgleerkracht en de directeur.


BREDE BASISZORG

De klasleerkracht is verantwoordelijk voor een goede preventieve basiszorg. Hiervoor is een goede sfeer in de klas de basis. De leerkracht moet daarnaast vertrouwen geven aan kinderen. Differentiatie via contractwerk, verlengde instructie, gesprek met een kind, ... is nodig om de verschillen tussen de kinderen op te vangen. 

VERHOOGDE ZORG

Indien de basiszorg voor een aantal kinderen niet voldoende is, wordt het zorgteam ingeschakeld. Samen met de leerkracht zoeken zij naar oplossingen en geven zij ondersteuning. De zorgleerkracht zal vooral op leerlingniveau werken en de zorgcoördinator op leerkrachtniveau.

UITBREIDING VAN ZORG

Soms reiken de problemen verder dan de draagkracht van de school. Op dat moment wordt er ook externe hulp ingeschakeld (CLB, logopedist, kinesist, ...). 

IAC

Indien deze uitbreiding van zorg nog onvoldoende blijkt te zijn, raden wij de ouders aan om de overstap naar een school op maat te maken.


Hoofdstuk 8 Toedienen van medicijnen  


8.1. De school dient uit eigen beweging geen medicatie toe. Bij ziekte zal ze in de eerste plaats een ouder of een door u opgegeven contactpersoon trachten te bereiken. Indien dit niet lukt en afhankelijk van de hoogdringendheid, zal de school de eigen huisarts, een andere arts of eventueel zelfs de hulpdiensten contacteren.

 

8.2. De ouders kunnen de school vragen om medicatie toe te dienen.

De school kan weigeren om medicatie toe te dienen, tenzij: 

8.2.1. die is voorgeschreven door een arts én:

8.2.2. die omwille van medische redenen tijdens de schooluren dient te worden toegediend. 

De ouders bezorgen de school:

  • de naam van het kind;
  • de datum;
  • de naam van het medicament;
  • de dosering;
  • de wijze van bewaren;
  • de wijze van toediening;
  • de frequentie;
  • de duur van de behandeling.

8.2.3. In overleg met de CLB-arts kan het personeelslid van de school alsnog weigeren medicatie toe te dienen. In onderling overleg tussen de school, het CLB en de ouders wordt naar een passende oplossing gezocht.


Hoofdstuk 9 Grensoverschrijdend gedrag / integriteit van de leerling


Leerlingen onthouden zich van iedere daad van geweld, pesten en grensoverschrijdend seksueel gedrag. Bij vermoeden van inbreuk neemt de school gepaste maatregelen om de fysieke integriteit van de leerlingen te beschermen.

            


Schoolreglement


Inhoud

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Hoofdstuk 2 Engagementsverklaring

Hoofdstuk 3 Sponsoring

Hoofdstuk 4 Kostenbeheersing 

Hoofdstuk 5 Extra-murosactiviteiten 

Hoofdstuk 6 Huiswerk, agenda’s, evaluatie ,rapporten en schoolloopbaan 

Hoofdstuk 7 Afwezigheden en te laat komen 

Hoofdstuk 8 Schending van de leefregels, preventieve schorsing, tijdelijke en definitieve uitsluiting 

Hoofdstuk 9 Getuigschrift basisonderwijs 

Hoofdstuk 10 Onderwijs aan huis

Hoofdstuk 11 Schoolraad, ouderraad en leerlingenraad 

Hoofdstuk 12 Leerlingengegevens en privacy 

Hoofdstuk 13 Ict-materiaal ter beschikking gesteld door de school, gebruik van smartphone, eigen tablet, laptop, trackers of andere gelijkaardige 24

toestellen, internet en sociale media

Hoofdstuk 14 Rookverbod 

Hoofdstuk 15 Leerlingenbegeleiding 

Hoofdstuk 1 Algemene Bepalingen


Artikel 1 

Het schoolreglement regelt de verhouding tussen leerlingen en hun ouders enerzijds en de school/het schoolbestuur anderzijds.

Artikel 2

De ouders ondertekenen het schoolreglement, de infobrochure en het pedagogisch project van de school voor akkoord. Dit is een inschrijvingsvoorwaarde.

Het schoolreglement wordt door de directeur voorafgaand aan elke inschrijving van de leerling schriftelijk of via elektronische drager en met toelichting, indien de ouders dit wensen (schoolwebsite, e-mail, …) ter beschikking gesteld. Bij elke wijziging van het schoolreglement informeert de directeur de ouders schriftelijk of via elektronische drager en met toelichting, indien de ouders dit wensen. De ouders verklaren zich opnieuw schriftelijk akkoord. Indien de ouders zich met de wijziging niet akkoord verklaren, dan wordt aan de inschrijving van het kind een einde gesteld op 31 augustus van het lopende schooljaar. De school vraagt de ouders of ze ook een papieren versie van het schoolreglement en/of eventuele wijzigingen wensen en stelt deze ter beschikking.

Ouders kunnen ook digitaal hun akkoord geven voor wijzigingen aan het pedagogisch project of schoolreglement.

Artikel 3

Dit schoolreglement eerbiedigt de internationaalrechtelijke en grondwettelijke beginselen inzake de rechten van de mens en van het kind in het bijzonder.

Artikel 4

Voor de toepassing van dit schoolreglement wordt verstaan onder:

1° Aangetekend: met aangetekende brief of tegen afgifte van een gedateerd ontvangstbewijs.

2° Extra-murosactiviteiten: activiteiten van één of méér schooldagen die plaatsvinden buiten de schoolmuren en worden georganiseerd voor één of meer leerlingengroepen.

3° Klassenraad: team van personeelsleden dat onder leiding van de directeur samen de verantwoordelijkheid draagt of zal dragen voor de begeleiding van en het onderwijs aan een bepaalde leerlingengroep of individuele leerling.

4° Leerlingen: de kinderen die regelmatig zijn ingeschreven in de basisschool.

5° Regelmatige leerling:

- voldoet aan de toelatingsvoorwaarden

- is slechts in één school ingeschreven

- in het lager onderwijs of als zes- en zevenjarige in het kleuteronderwijs: altijd

aanwezig ,behalve bij gewettigde afwezigheid;

-vijfjarige in het kleuteronderwijs: voldoende aanwezig (minstens 290 halve dagen )

-deelnemen aan alle onderwijsactiviteiten die voor de leerlingengroep of de leerling worden georganiseerd, behoudens vrijstelling .Deelnemen aan het taalbad of een ander taalintegratietraject wordt beschouwd als een onderwijsactiviteit die voor de leerlingengroep of de leerling wordt georganiseerd..


6° Toelatingsvoorwaarden:

Om toegelaten te worden in het kleuteronderwijs moet een kind ten minste twee en een half jaar oud zijn. Als een kleuter, op het moment van de inschrijving nog geen drie jaar is, kan hij in het basisonderwijs slechts toegelaten worden op één van de volgende instapdagen: 

-de eerste schooldag na de zomervakantie; 

-de eerste schooldag na de herfstvakantie; 

-de eerste schooldag na de kerstvakantie; 

-de eerste schooldag van februari; 

-de eerste schooldag na de krokusvakantie; 

-de eerste schooldag na de paasvakantie; 

-de eerste schooldag na Hemelvaart. 

Om toegelaten te worden tot het gewoon lager onderwijs moet een leerling zes jaar zijn voor 1 januari van het lopende schooljaar. Als hij nog niet de leeftijd van zeven jaar heeft bereikt of zal bereiken voor 1 januari van het lopende schooljaar, moet hij bovendien aan de volgende voorwaarden voldoen :

- Ten minste 290 halve dagen aanwezig geweest zijn in het voorgaande schooljaar  in een door de Vlaamse Gemeenschap erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs (halve dagen aanwezigheid in de rijdende kleuterschool worden beschouwd als aanwezigheid) mits :

  -een gunstig advies van de klassenraad van de school waar de leerling voorafgaand aan de instap in het gewoon lager onderwijs kleuteronderwijs gevolgd heeft. Dit advies omvat de mate waarin de leerling het Nederlands voldoende beheerst om het gewoon lager onderwijs te kunnen starten.

  -bij ongunstig advies van de klassenraad van de kleuterschool over de mate waarin de leerling het Nederlands voldoende beheerst om het gewoon lager onderwijs te kunnen ,wordt de leerling ook toegelaten tot het lager onderwijs maar dan moet de leerling een taalintegratietraject volgen.

- Leerlingen die in het voorgaande schooljaar ingeschreven waren in een erkende Nederlandstalige school voor kleuteronderwijs en geen 290 halve dagen daadwerkelijk aanwezig geweest zijn, kunnen enkel toegelaten worden mits:

  -een gunstig advies van de klassenraad van de school waar de leerling    laatst kleuteronderwijs volgde.

  -bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs omwille van de beheersing van het Nederlands, een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs voor de inschrijving in die school en het volgen van een taalintegratietraject.

  -bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs,  omwille van andere redenen dan de beheersing van het Nederlands, een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs voor de inschrijving in die school.

- Voor leerlingen die geen kleuteronderwijs gevolgd hebben, beslist de klassenraad van de school voor lager onderwijs na een taalscreening of deze leerling al dan niet toelating krijgt tot het reguliere traject, of een taalintegratietraject in het gewoon lager onderwijs volgt.

Bij weigering van toelating tot het lager onderwijs door de klassenraad lager onderwijs, beslist de klassenraad van de school voor kleuteronderwijs of de leerling in het kleuteronderwijs het reguliere traject en/of een taalintegratietraject volgt.

- Leerlingen waarvan nog niet vaststaat dat ze voldoen aan de toelatingsvoorwaarden worden onder ontbindende voorwaarde ingeschreven in het lager onderwijs. Indien de klassenraad lager onderwijs na de start van het schooljaar een negatieve beslissing neemt over de toelating tot het lager onderwijs, moet de school voor het kleuteronderwijs waar de leerling vorig jaar les volgde, verplicht de leerling in overcapaciteit inschrijven.

- Een jaar vroeger naar het lager onderwijs: Als vijfjarigen worden beschouwd, al wie vijf jaar geworden is vóór 1 januari van het lopende schooljaar.

Een vijfjarige leerling die het voorgaande schooljaar was ingeschreven in een erkende school voor Nederlandstalig onderwijs kan enkel toegelaten worden mits:

  -Een gunstig advies van de klassenraad van de school waar de leerling laatst kleuteronderwijs volgde.

  -bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs omwille van de beheersing van het Nederlands :een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs en het volgen van een taalintegratietraject in het lager onderwijs.

  -bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs, omwille van andere redenen :een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs . 

Na kennisneming van en toelichting bij het advies van het CLB en na het gunstig advies of de gunstige beslissing door de klassenraad, nemen de ouders de uiteindelijke beslissing over de vervroegde instap. 

Een vijfjarige leerling die het voorgaande schooljaar niet ingeschreven

was in een erkende school voor Nederlandstalig onderwijs :

  -een gunstige beslissing van de klassenraad van de school voor lager onderwijs

  -de klassenraad lager onderwijs beslist ook of de leerling toegelaten wordt in een regulier traject en/ of taalintegratietraject.’.

  -Bij weigering van toelating tot het lager onderwijs door de klassenraad lager onderwijs, beslist de klassenraad van de school voor kleuteronderwijs of de leerling in het kleuteronderwijs het reguliere traject en/of een taalintegratietraject volgt.

Na kennisneming van en toelichting bij het advies van het CLB en na toelating door de klassenraad lager onderwijs , nemen de ouders de uiteindelijke beslissing over de vervroegde instap. 

Voor zij-instromers van 7 jaar of ouder gelden de bovenstaande voorwaarden niet.

                         

7° Leerlingengroep: een aantal leerlingen dat samen voor een bepaalde periode eenzelfde opvoedings- of onderwijsactiviteit volgt.

8° Ouders: de personen die het ouderlijk gezag uitoefenen of in rechte of in feite de   minderjarige onder hun bewaring hebben.

9° Pedagogisch project: het geheel van de fundamentele uitgangspunten dat door een schoolbestuur voor een school en haar werking wordt bepaald.

10° School: het pedagogisch geheel, waar onderwijs wordt georganiseerd en dat onder leiding staat van de directeur.

11° Schoolbestuur: de inrichtende macht die verantwoordelijk is voor de sch(o)ol(en) van de gemeente, nl. de gemeenteraad. Inzake daden van dagelijks beheer is het college van burgemeester en schepenen bevoegd.

12° Schoolraad: is een officieel inspraakorgaan waarin ouders, personeel, en personen van de lokale gemeenschap vertegenwoordigd zijn.

13° Werkdag: weekdagen van maandag tot vrijdag, met uitzondering van feestdagen en dagen die vallen tijdens de herfst-, kerst-, krokus- en paasvakantie.

14° Schooldag: een dag waarop leerlinggebonden activiteiten georganiseerd zijn, met uitzondering van zaterdag, zondag en de schoolvakanties.


Hoofdstuk 2 Engagementsverklaring


Artikel 5

1 Oudercontacten

De school organiseert op geregelde tijdstippen oudercontacten. De ouders en de school zelf kunnen op eigen initiatief bijkomende oudercontacten voorstellen.

De ouder(s) woont (wonen) de oudercontacten bij.

2 Voldoende aanwezigheid

De ouders zorgen ervoor dat hun kind elke schooldag en op tijd naar school komt.

3 Deelnemen aan individuele begeleiding

Sommige kinderen hebben nood aan een individuele begeleiding. Voor kinderen die daar nood aan hebben, werkt de school vormen van individuele ondersteuning uit en ze maakt daarover afspraken met de ouders zoals voorzien in het beleid op leerlingenbegeleiding van de school.

De ouders ondersteunen op een positieve manier de maatregelen die in samenspraak genomen zijn.

4 Nederlands is de onderwijstaal van de school.

Ouders moedigen hun kind(eren) aan om Nederlands te leren. 

Ouders ondersteunen de initiatieven en de maatregelen die de school neemt om de eventuele taalachterstand van hun kind(eren) weg te werken.

Hoofdstuk 3 Sponsoring


Artikel 6

1 De school werkt voor het bereiken van de eindtermen en het nastreven van ontwikkelingsdoelen met de middelen die door de Vlaamse Gemeenschap en door het schoolbestuur ter beschikking worden gesteld.

2 Om de bijdragen van de ouders voor niet-eindtermgebonden onderwijskosten te beperken, kan de school gebruik maken van geldelijke en niet-geldelijke ondersteuning door derden.

3 Dergelijke ondersteuning in de vorm van mededelingen die rechtstreeks of onrechtstreeks tot doel hebben de verkoop van producten of diensten te bevorderen, kan enkel in geval van facultatieve activiteiten en na overleg in de schoolraad.

4 De school zal in geval van dergelijke ondersteuning enkel vermelden dat de activiteit of een gedeelte van de activiteit ingericht werd door middel van een gift, een schenking, een gratis prestatie of een prestatie verricht onder de reële prijs door een bij name genoemde natuurlijke persoon, rechtspersoon of feitelijke vereniging.

5 De bedoelde mededelingen kunnen enkel indien:

1° deze mededelingen verenigbaar zijn met de pedagogische en onderwijskundige taken en doelstellingen van de school;

2° deze mededelingen de objectiviteit, de geloofwaardigheid, de betrouwbaarheid en de onafhankelijkheid van de school niet in het gedrang brengen.

6 In geval van vragen of problemen met betrekking tot de geldelijke of niet-geldelijke ondersteuning door derden, richt men zich tot het schoolbestuur.


Hoofdstuk 4 Kostenbeheersing


Artikel 7

1 Kosteloos

Het schoolbestuur vraagt geen direct of indirect inschrijvingsgeld.
Het schoolbestuur vraagt geen bijdrage voor onderwijsgebonden kosten die noodzakelijk zijn om een eindterm te realiseren of een ontwikkelingsdoel na te streven.

De school biedt volgende materialen gratis ter beschikking, maar ze blijven eigendom van de school.

Ballen, touwen, (klim)toestellen, driewielers, …

Constructiemateriaal: karton, hout, hechtingen, gereedschap, katrollen, tandwielen, bouwdozen, …

Handboeken, schriften, werkboeken en -blaadjes, fotokopieën, software

ICT-materiaal: computers inclusief internet, tv, radio, telefoon,…

Informatiebronnen: (verklarend) woordenboek, (kinder)krant, jeugdencyclopedie, documentatiecentrum, cd-rom, dvd, klank- en beeldmateriaal, …

Kinderliteratuur: prentenboeken, (voor)leesboeken, kinderromans, poëzie, strips, …

Knutselmateriaal: lijm, schaar, grondstoffen, textiel, …

Leer- en ontwikkelingsmateriaal: spelmateriaal, lees- en rekenmateriaal, denkspellen, materiaal voor socio-emotionele ontwikkeling, …

Meetmateriaal: lat, graadboog, geodriehoek, tekendriehoek, klok (analoog en digitaal), thermometer, weegschaal, …

Multimediamateriaal: audiovisuele toestellen, fototoestel, cassetterecorder, dvd-speler, …

Muziekinstrumenten: trommels, fluiten, …

Planningsmateriaal: schoolagenda, kalender, dagindeling, …

Schrijfgerief: potlood, pen, …

Tekengerief: stiften, kleurpotloden, verf, penselen, …

Atlas, globe, kaarten, kompas, passer, tweetalige alfabetische woordenlijst, zakrekenmachine

Zwemlessen zijn gratis voor alle leerlingen. De 3de kleuterklas en alle klassen van de lagere school gaan tweewekelijks zwemmen.

Elke leerling krijgt in het begin van de lagere school een gratis turn-T-shirt van de ouderraad.


2 Scherpe maximumfactuur

Het schoolbestuur kan echter een beperkte bijdrage vragen voor kosten die ze maakt om de eindtermen en de ontwikkelingsdoelen te verlevendigen.

Dit gebeurt steeds na overleg met de schoolraad.

Het gaat over volgende bijdragen :

  1. de toegangsprijs bij pedagogisch-didactische uitstappen;
  2. de deelnamekosten bij eendaagse extra-murosactiviteiten;
  3. de vervoerskosten bij pedagogisch-didactische uitstappen, eendaagse extra-murosactiviteiten;
  4. de aankoopprijs van turn- en zwemkledij;
  5. de kosten voor occasionele activiteiten, projecten en feestactiviteiten;

Het totaal van de bijdragen is per schooljaar (2023-2024) per kleuter 55 euro en voor elke leerling

lager onderwijs 105 euro.

Deze bijdragen zijn vastgelegd conform de wetgeving ter zake en worden geïndexeerd.

Het bedrag van de scherpe maximumfactuur wordt in 3 schijven aan de school betaald (factuur van

september, januari en april).

Het bedrag boven de maximumfactuur wordt door de school betaald vanuit de werkingsmiddelen.


3 Minder scherpe maximumfactuur

Zowel het principe van het inrichten van meerdaagse extra murosactiviteiten als de bijdrage van de

ouders hiervoor is voorwerp van onderhandeling in de schoolraad.

Dergelijke activiteiten zijn niet toegestaan in het kleuteronderwijs als er een financiële bijdrage van de

ouders wordt gevraagd.

In het lager onderwijs mag de totale kostprijs over de ganse duur van het lager niet meer dan 520

euro (2023-2024) bedragen. Dit bedrag is onderworpen aan een indexregeling.

Het bedrag van de meerdaagse extra-murosactiviteit wordt minstens een maand vooraf aan de

ouders meegedeeld bij vraag voor deelname en zal dan ook gefactureerd worden.


4 Bijdrageregeling

De school biedt volgende diensten en materialen aan tegen betaling:

- Opvang

Op schooldagen wordt er opvang georganiseerd van 6u45 tot 18u45.

Tijdens schooldagen zijn de tarieven voor de voor- en naschoolse opvang:

1 euro per begonnen halfuur per kind. Het tarief is van toepassing van 6u45 tot 8u20 en van 15u35 tot 18u45.

kinderen die een schooltoelage krijgen betalen 0,50 euro per begonnen halfuur

het derde kind van een gezin gaat gratis naar de opvang

Tijdens vrije schooldagen zijn de tarieven:

ganse dag: 11,00 euro voor eerste of enig kind, 9,00 euro voor tweede kind uit eenzelfde

gezin, 7,00 euro vanaf derde kind uit eenzelfde gezin. Het tarief ganse dag is van toepassing als een kind voor 12 uur naar de opvang komt en blijft tot na 13 uur.

halve dag: 5,50 euro voor eerste of enig kind, 4,50 euro voor tweede kind uit eenzelfde

gezin, 3,50 euro vanaf derde kind uit eenzelfde gezin. Het tarief halve dag is van toepassing als een kind pas na 12 uur naar de opvang komt of voor 13 uur wordt opgehaald.

Bij het niet tijdig ophalen van een kind wordt er per begonnen kwartier een boete van 5 euro

aangerekend.

Er wordt, per kalenderjaar, een fiscaal attest afgeleverd voor alle opvangkosten van een kind jonger

dan 12 jaar.

- Studie

Vanaf het derde leerjaar gaan de kinderen die om 15u35 nog op school aanwezig zijn op maandag,

dinsdag, donderdag en vrijdag één uur naar de studie. De kostprijs is dezelfde als voor de opvang.

- Maaltijden en dranken

De maaltijden en dranken worden aan kostprijs doorgerekend met een maximale marge van 10% om

de bedragen te kunnen afronden.

- Fruitactie

Het wekelijks fruit wordt aan de kostprijs doorgerekend met een maximale marge van 10% om de

bedragen te kunnen afronden. De kleuters en de kinderen van de lagere school krijgen 1 keer per

maand gratis fruit van de gemeente.

- Abonnementen voor tijdschriften

Abonnementen voor tijdschriften worden aangerekend volgens de bedragen aangerekend door de

uitgeverijen met een maximale marge van 10% om de bedragen te kunnen afronden.

- Andere kosten

Andere kosten (bv. nieuwjaarsbrieven) worden aan kostprijs doorgerekend met een maximale marge

van 10% om de bedragen te kunnen afronden.

Het schoolbestuur bepaalt, na overleg in de schoolraad, de bedragen van de facultatieve uitgaven.

De ouders kiezen of ze hier gebruik van maken of niet. De school gebruikt deze materialen/diensten niet in haar activiteiten en lessen.


5 Basisuitrusting

De school verwacht dat de leerlingen over volgende zaken beschikken: turnpantoffels, turnshort, zwemgerief, stevige boekentas, kaftpapier. De basisuitrusting valt ten laste van de ouders.


6 Betalingen

Maandelijks wordt er een factuur opgesteld die ten laatste op de vervaldatum (die staat vermeld op de factuur) betaald moet worden.

De financieel beheerder van de gemeente kan in uitzonderlijke omstandigheden, na advies van de directeur en in samenspraak met de ouders, een van de volgende afwijkingen op de leerlingenbijdragen toestaan:

-spreiding van betaling

-uitstel van betaling

Indien de schoolrekening niet tijdig wordt betaald, ontvangen de ouders een schriftelijke aanmaning van de financieel beheerder. Vervolgens wordt er een aangetekende aanmaning verzonden. Hiervoor wordt 20 euro aangerekend voor port- en administratiekosten. Tenslotte volgt een dwangbevel dat de financieel beheerder door een deurwaarder laat betekenen.


Hoofdstuk 5 Extra-murosactiviteiten


Artikel 8 

Extra-murosactiviteiten zijn activiteiten van één of meerdere schooldagen die plaatsvinden buiten de schoolmuren en worden georganiseerd voor één of meer leerlingengroepen. 

De school streeft ernaar dat alle leerlingen deelnemen aan de extra-murosactiviteiten, aangezien ze deel uitmaken van het leerprogramma. De ouders worden tijdig geïnformeerd over de geplande extra-murosactiviteiten.

Ouders hebben echter het recht om hun kinderen niet mee te laten gaan op extra-murosactiviteiten van een volledige dag of meer. Ze moeten deze weigering schriftelijk kenbaar maken aan de school.

Als de leerling niet deelneemt dan moet de leerling toch op school aanwezig zijn. Voor deze leerlingen voorziet de school een aangepast programma. 

Activiteiten die volledig buiten de schooluren georganiseerd worden, vallen hier niet onder.

Hoofdstuk 6 Huiswerk, agenda’s, rapporten, evaluatie en schoolloopbaan 


Artikel 9 Huiswerk

De huiswerken worden genoteerd in de schoolagenda. Indien een leerling zijn huiswerk vergeet, kan de groepsleraar de nodige maatregelen nemen.

Onze visie over huiswerk

- Huiswerk moet het zelfstandig werken bevorderen, leerlingen moeten dus hun taken zelfstandig en zonder hulp kunnen maken.

- Regelmatige inoefening is een belangrijk onderdeel van het leerproces en huiswerk kan hier een bijdrage toe leveren. Huiswerken zijn dus een inoefening van wat de leerlingen in de klas hebben geleerd.

- Bij sommige lessen is een voortaak noodzakelijk zoals het opzoeken van informatie, teksten lezen, materiaal bijeenzoeken, … Door deze voortaak krijgen de lessen in de klas een meerwaarde.

- Leren leren is ook een belangrijke eindterm die we niet alleen in de klas kunnen nastreven. Naast het zelfstandig werken en het leren plannen is ook het instuderen van leerstof belangrijk. Dit gebeurt door thuis toetsen zelfstandig voor te bereiden.

- Daarnaast willen we door het meegeven van huiswerk ook de interactie tussen school en ouders bevorderen. Ouders krijgen een beter beeld over de leerstof en de werkwijze waarop deze leerstof wordt ingeoefend.

- Huiswerk mag thuis niet de oorzaak zijn van conflicten tussen ouders en kind. Als huiswerk niet lukt, dan is het belangrijk dat de ouders dit aan de leerkracht meedelen, zodat er een oplossing kan gezocht worden.

Frequentie 

Tijdens de schooluren moeten kinderen al een heleboel opdrachten en taken uitvoeren. Het werk na de schooluren moet dus beperkt blijven. Kinderen hebben immers ook nood aan ontspanning en beweging. Daarom werken we in onze school met de 10 minutenregel.

In het eerste leerjaar zouden kinderen maximum 10 minuten per dag aan huiswerk mogen spenderen. In het tweede leerjaar is dit 20 minuten, in het derde 30 minuten, enz.

Vanaf het vierde leerjaar/3de graad NO krijgen de leerlingen hun taken mee voor een hele week en is planning dus noodzakelijk om deze 10 minutenregel te waarborgen. Zij kunnen er dus zelf voor opteren om bepaalde dagen meer of minder tijd te spenderen aan hun huiswerk.

Als ouders merken dat hun kinderen meer tijd nodig hebben om hun huiswerk te maken, dan is het nodig dat zij dit met de klasleerkracht bespreken, zodat er hier naar een oplossing kan gezocht worden.


Artikel 10 Agenda  

In de kleutergroep hebben de leerlingen een heen-en-weermapje.
In het lager onderwijs krijgen de leerlingen een schoolagenda. Hierin worden de taken van de leerlingen en mededelingen voor ouders dagelijks genoteerd.
De ouders en de groepsleraar ondertekenen minstens wekelijks de schoolagenda of het heen-en-weermapje.


Artikel 11 Evaluatie en rapport 

Een samenvatting van de evaluatiegegevens van de leerling wordt neergeschreven in een rapport. Dit rapport wordt bezorgd aan de ouders, die ondertekenen voor kennisneming. Het rapport wordt, ondertekend terugbezorgd aan de groepsleraar.

Het rapport legt een band tussen de school en het gezin. Er zijn 3 rapporten per jaar, waarin de bevindingen meegedeeld worden i.v.m. het werk, de studie en de houding van het kind op school. De bevindingen van de leerkracht geven weer waartoe de leerling op dat ogenblik in staat is.

Aangezien in wezen geen enkel rapport volmaakt kan zijn, is een gesprek met de leerkracht van uw kind het beste bindmiddel. Moge het rapport dus een hulpmiddel zijn om de samenwerking tussen ouders en school te bevorderen en te streven naar een eigentijdse opvoeding en goed onderwijs in onze scholengemeenschap.


Artikel 12 Schoolloopbaan

1 Op voorwaarde dat aan alle toelatingsvoorwaarden voldaan is, nemen de ouders van de leerling de eindbeslissing inzake:

-de overgang van kleuter- naar lager onderwijs, na kennisneming van en toelichting bij de adviezen van de klassenraad en van het CLB; 

-een jaar langer in het kleuteronderwijs, na kennisname en toelichting bij de adviezen van de klassenraad en het CLB

-het volgen van nog één schooljaar lager onderwijs, als de leerling 14 jaar wordt voor 1 januari van het lopende schooljaar, en dit na kennisneming van en toelichting bij het gunstig advies van de klassenraad en het advies van het CLB.

-voor een verlengd verblijf voor leerlingen met een getuigschrift basisonderwijs en voor  leerlingen die 14 jaar worden voor 1 januari van het lopende schooljaar is een gunstig advies nodig van de klassenraad van de school waar de leerling het voorafgaande schooljaar lager onderwijs volgde.

2 Vroeger naar het lager onderwijs:

Een vijfjarige leerling die het voorgaande schooljaar was ingeschreven in een erkende school voor Nederlandstalig onderwijs kan enkel toegelaten worden mits:

-Een gunstig advies van de klassenraad van de school waar de leerling laatst kleuteronderwijs volgde.

-bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs omwille van de beheersing van het Nederlands :een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs en het volgen van een taalintegratietraject in het lager onderwijs.

-bij ongunstig advies van de klassenraad van het kleuteronderwijs, omwille van andere redenen :een gunstige beslissing van de klassenraad lager onderwijs .

Na kennisneming van en toelichting bij het advies van het CLB en na het gunstig advies of de gunstige beslissing door de klassenraad, nemen de ouders de uiteindelijke beslissing over de vervroegde instap. 

Een vijfjarige leerling die het voorgaande schooljaar niet ingeschreven was in een erkende school voor Nederlandstalig onderwijs :

-een gunstige beslissing van de klassenraad van de school voor lager onderwijs

-de klassenraad lager onderwijs beslist ook of de leerling toegelaten wordt in een regulier traject en/ of taalintegratietraject.’.

-Bij weigering van toelating tot het lager onderwijs door de klassenraad lager onderwijs, beslist de klassenraad van de school voor kleuteronderwijs of de leerling in het kleuteronderwijs het reguliere traject en/of een taalintegratietraject volgt.

Na kennisneming van en toelichting bij het advies van het CLB en na toelating door de klassenraad lager onderwijs , nemen de ouders de uiteindelijke beslissing over de vervroegde instap.

3 In alle andere gevallen neemt de school de eindbeslissing inzake het al dan niet zittenblijven van de leerling, op basis van een gemotiveerde beslissing van de klassenraad en na overleg met het CLB.


Hoofdstuk 7 Afwezigheden en te laat komen 


Artikel 13 Afwezigheden

Zowel voor kleuters als voor leerlingen lager onderwijs is een voldoende aanwezigheid noodzakelijk  voor een vlotte schoolloopbaan.

Afwezigheden worden telefonisch/schriftelijk meegedeeld aan de directeur, bij voorkeur voor de start

van de schooldag.


1 KleuteronderwijsEr is geen medisch attest nodig voor afwezigheden van kleuters. 

Voor leerlingen in het kleuteronderwijs die vijf jaar worden voor 1 januari van het schooljaar is er een leerplicht van minimaal 290 halve dagen aanwezigheid per schooljaar. Voor de berekening van dat aantal halve dagen aanwezigheid in functie van de leerplicht en de regelmatigheid van de leerling kunnen de afwezigheden die door de directie als aanvaardbaar geacht worden meegerekend worden.

Voor zes-en zevenjarigen in het kleuteronderwijs of een vijfjarige die vervroegd instapt in het lager onderwijs ,moeten de afwezigheden gewettigd worden volgens dezelfde regels als in het lager onderwijs.


2 Lager onderwijs

1° Afwezigheid wegens ziekte:

a) een verklaring van ziekte ondertekend en gedateerd door een ouder. Dit kan hoogstens vier maal per schooljaar worden ingediend. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.

b) een medisch attest:

-als de ouders al vier maal in een schooljaar zelf een verklaring wegens ziekte hebben ingediend; 

-bij een afwezigheid wegens ziekte van meer dan drie opeenvolgende kalenderdagen;


2° Afwezigheid van rechtswege:

Bij een afwezigheid van rechtswege bezorgen de ouders aan de directeur of de groepsleraar een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.
Het gaat om volgende gevallen:

-het bijwonen van een familieraad;

-het bijwonen van een begrafenis- of huwelijksplechtigheid van een persoon die onder hetzelfde dak woont als de leerling of van een bloed- of aanverwant van de leerling;

-de oproeping of dagvaarding voor de rechtbank;

-het onderworpen worden aan maatregelen in het kader van de bijzondere jeugdzorg en de jeugdbescherming;

-de onbereikbaarheid of ontoegankelijkheid van de school door overmacht;

-het beleven van feestdagen die inherent zijn aan de door de grondwet erkende levensbeschouwelijke overtuiging van een leerling.

-het actief deelnemen in het kader van een individuele selectie of lidmaatschap van een vereniging als topsportbelofte aan sportieve manifestaties. Maximaal 10 al dan niet gespreide halve schooldagen per schooljaar. 


3° Afwezigheid mits voorafgaandelijke toestemming van de directeur:

Bij een afwezigheid met toestemming van de directeur bezorgen de ouders aan de directeur een ondertekende verklaring of een officieel document. De verklaring vermeldt de naam van de leerling, de klasgroep, de reden van afwezigheid, de begindatum en de vermoedelijke einddatum.


4° Afwezigheid wegens verplaatsingen van de trekkende bevolking:

In uitzonderlijke omstandigheden kan de afwezigheid van kinderen van binnenschippers, kermis- en circusexploitanten en -artiesten en woonwagenbewoners gewettigd zijn om de ouders te vergezellen tijdens hun verplaatsingen.
De afspraken over de modaliteiten aangaande het onderwijs op afstand en aangaande de communicatie tussen de school en de ouders worden vastgelegd in een overeenkomst tussen de directeur en de ouders.


5° Afwezigheden voor topsport voor de sporten tennis, zwemmen en gymnastiek mits toestemming van de directie:

Deze categorie afwezigheden kan slechts worden toegestaan voor maximaal zes lestijden per week (verplaatsingen inbegrepen) en kan enkel als de school voor de betrokken topsportbelofte over een dossier beschikt dat volgende elementen bevat:

-een gemotiveerde aanvraag van de ouders;

-een verklaring van een bij de Vlaamse sportfederatie aangesloten sportfederatie;

-een medisch attest van een sportarts verbonden aan een erkend keuringscentrum van de Vlaamse Gemeenschap;

-een akkoord van de directie.


6° Afwezigheden omwille van revalidatie tijdens de lestijden:

a) de afwezigheid omwille van revalidatie na ziekte of ongeval, en dit gedurende maximaal 150 minuten per week, verplaatsing inbegrepen. 

Om een beslissing te kunnen nemen, moet de school beschikken over een dossier dat minstens de volgende elementen bevat: 

-een verklaring van de ouders waarom de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden; 

-een medisch attest waaruit de noodzakelijkheid, de frequentie en de duur  van de revalidatie blijkt;

-een advies, geformuleerd door het CLB, na overleg met de klassenraad en de ouders;

-een toestemming van de directeur voor een periode die de duur van de behandeling, vermeld in het medisch attest, niet kan overschrijden.

Uitzonderlijk kunnen de 150 minuten overschreden worden, mits gunstig advies van de arts van het CLB, in overleg met de klassenraad en de ouders. 

b) de afwezigheid gedurende maximaal 150 minuten per week, verplaatsing inbegrepen van leerlingen met een specifieke onderwijsgerelateerde behoefte waarvoor een handelingsgericht advies is gegeven . 

Om een beslissing te kunnen nemen, moet de school beschikken over een dossier dat ten minste de volgende elementen bevat: 

-een verklaring van de ouders waarom de revalidatie tijdens de lestijden moet plaatsvinden;

-een advies, geformuleerd door het CLB in overleg met de klassenraad en de ouders;

-een samenwerkingsovereenkomst tussen de school en de revalidatieverstrekker. De revalidatieverstrekker bezorgt op het einde van elk schooljaar een evaluatieverslag; 

-een toestemming van de directeur, die jaarlijks vernieuwd en gemotiveerd moet worden, rekening houdend met het evaluatieverslag waarvan sprake in punt 3).

In uitzonderlijke omstandigheden en mits gunstig advies van het CLB in overleg met de klassenraad en de ouders, kan de maximumduur van 150 minuten voor leerplichtige kleuters uitgebreid worden tot 200 minuten, verplaatsing inbegrepen. 

Voor leerlingen die vallen onder de toepassing van het besluit van de Vlaamse Regering van 12 december 2003 betreffende de integratie van leerlingen met een matige of ernstige verstandelijke handicap in het gewoon lager en secundair onderwijs kan de afwezigheid maximaal 250 minuten per week bedragen, verplaatsing inbegrepen. 


7° Afwezigheden omwille van preventieve schorsing en tijdelijke en definitieve uitsluiting :

Een afwezigheid omwille van een preventieve schorsing, een tijdelijke of definitieve uitsluiting en waarbij de school gemotiveerd heeft dat opvang in de school  niet haalbaar is ,is een gewettigde afwezigheid.


3 Problematische afwezigheden

Alle afwezigheden die niet zijn opgesomd of niet kunnen worden gewettigd zoals beschreven onder § 2 worden ten aanzien van de leerling beschouwd als problematische afwezigheden. Ook afwezigheden gewettigd door een twijfelachtig medisch attest, met name de ‘dixit’ -attesten, geantidateerde attesten en attesten die een niet-medische reden vermelden, worden als problematische afwezigheden beschouwd.

In deze gevallen zal de directeur contact opnemen met de ouders. De ouders kunnen deze afwezigheid alsnog wettigen. Vanaf meer dan vijf halve schooldagen problematische afwezigheden heeft de school een meldingsplicht ten opzichte van het CLB. Het CLB voorziet begeleiding voor de betrokken leerling, in samenwerking met de school.


Artikel 14  Te laat komen

1 Leerlingen moeten tijdig aanwezig zijn.
Een leerling die toch te laat komt, begeeft zich zo spoedig mogelijk naar de klasgroep. De ouders worden bij herhaaldelijk te laat komen van hun kind gecontacteerd door de directie/leerkracht. Ze maken hierover afspraken.

2 In uitzonderlijke gevallen kan een leerling die daarvoor een gewettigde reden heeft, de school voor het einde van de schooldag verlaten. Dit kan enkel na toestemming van de directeur.

Hoofdstuk 8 Schending van de leefregels, preventieve schorsing, tijdelijke en definitieve uitsluiting


Artikel 15 Leefregels

Ouders stimuleren hun kind om de leefregels van de school na te leven. De leefregels zijn terug te vinden in de infobrochure.


Artikel 16 Schending van de leefregels en ordemaatregelen

1 Indien een leerling door zijn gedrag de leefregels schendt of de goede orde in de school in het gedrang brengt, kunnen maatregelen worden genomen.

2 Deze maatregelen kunnen zijn:

-een mondelinge opmerking;

-een schriftelijke opmerking in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift die de ouders ondertekenen voor gezien;

-een extra taak die de ouders ondertekenen voor gezien

Deze opsomming sluit niet uit dat een andere maatregel wordt genomen, aangepast aan het onbehoorlijk gedrag van de leerling.
Deze maatregelen kunnen worden genomen door de directeur of elk personeelslid van de school met een kindgebonden opdracht.

3 Meer verregaande maatregelen kunnen zijn:

-een gesprek tussen de directeur en de betrokken leerling. De directeur maakt hiervan melding in de schoolagenda of het heen-en-weerschrift. De ouders ondertekenen voor gezien.

-De groepsleraar en/of de directeur nemen contact op met de ouders en bespreken het gedrag van de leerling. Van dit contact wordt een verslag gemaakt. Het verslag wordt door de ouders ondertekend voor gezien;

-preventieve schorsing :

Een preventieve schorsing is een uitzonderlijke maatregel die de directeur voor een leerplichtige leerling in het lager onderwijs kan hanteren als bewarende maatregel om de leefregels te handhaven en om te kunnen nagaan of een tuchtsanctie aangewezen is. De leerling mag gedurende maximaal vijf opeenvolgende schooldagen de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen. De directeur kan, mits motivering aan de ouders, beslissen om die periode eenmalig met maximaal vijf opeenvolgende schooldagen te verlengen indien door externe factoren het tuchtonderzoek niet binnen die eerste periode kan worden afgerond. De preventieve schorsing kan onmiddellijk uitwerking hebben en de school stelt de ouders in kennis van de preventieve schorsing. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.

4 Indien vermelde maatregelen niet het gewenste effect hebben, kan een individueel begeleidingsplan met meer bindende gedragsregels worden vastgelegd door de directeur.
Dit moet ertoe bijdragen dat een goede samenwerking met personeelsleden en/of medeleerlingen opnieuw mogelijk wordt.
Dit begeleidingsplan wordt opgesteld door de groepsleraar, de zorgcoördinator en de directeur. Het wordt steeds besproken met de ouders. Het wordt van kracht van zodra de ouders het begeleidingsplan ondertekenen voor akkoord.
Indien de ouders niet akkoord gaan met het individueel begeleidingsplan, kan de directeur onmiddellijk overgaan tot het opstarten van een tuchtprocedure.

5 Tegen geen enkele van deze maatregelen is er beroep mogelijk.


Artikel 17 Tuchtmaatregelen: tijdelijke en definitieve uitsluiting van leerlingen

1 Het onbehoorlijk  gedrag van een leerling kan uitzonderlijk een tuchtmaatregel noodzakelijk maken.

2 Een tuchtmaatregel kan worden opgelegd indien de leerling:

-het verstrekken van opvoeding en onderwijs in gevaar brengt;

-de verwezenlijking van het pedagogisch project van de school in het gedrang brengt;

-ernstige of wettelijk strafbare feiten pleegt;

-zich niet houdt aan het eventueel opgesteld individueel begeleidingsplan;

-de naam van de school of de waardigheid van het personeel aantast;

-de school materiële schade toebrengt.

3 Tuchtmaatregelen zijn:

Tijdelijke uitsluiting

De directeur kan, in uitzonderlijke gevallen, een leerplichtige leerling in het lager onderwijs tijdelijk uitsluiten. Een tijdelijke uitsluiting is een tuchtsanctie die inhoudt dat de gesanctioneerde leerling gedurende minimaal één schooldag en maximaal vijftien opeenvolgende schooldagen de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet mag volgen. Een nieuwe tijdelijke uitsluiting kan enkel na een nieuw feit. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.

Definitieve uitsluiting.

De directeur kan, in uitzonderlijke gevallen, een leerplichtige leerling in het lager onderwijs definitief uitsluiten. Een definitieve uitsluiting is een tuchtsanctie die inhoudt dat de gesanctioneerde leerling wordt uitgeschreven op het moment dat die leerling in een andere school is ingeschreven en uiterlijk één maand, vakantieperioden tussen 1 september en 30 juni niet inbegrepen.

In afwachting van een inschrijving in een andere school mag de gesanctioneerde leerling de lessen en activiteiten van zijn leerlingengroep niet volgen. De school voorziet opvang voor de leerling, tenzij de school aan de ouders motiveert waarom dit niet haalbaar is.

4 Er is geen mogelijkheid tot collectieve uitsluiting: elke leerling wordt afzonderlijk worden behandeld.

5 Het schoolbestuur kan de inschrijving weigeren in een school waar de betrokken leerling het huidige, vorige of het daaraan voorafgaande schooljaar definitief werd uitgesloten.


Artikel 18 Tuchtprocedure

1 De directeur kan beslissen tot een tijdelijke of definitieve uitsluiting.          

2 De directeur volgt daarbij volgende procedure:

1° het voorafgaandelijke advies van de klassenraad moet worden ingewonnen. In geval van de intentie tot een definitieve uitsluiting moet de klassenraad uitgebreid worden met een vertegenwoordiger van het CLB die een adviserende stem heeft;

2° de intentie tot een tuchtmaatregel wordt na bijeenkomst van de klassenraad aangetekend aan de ouders bezorgd, binnen de drie schooldagen. De school verwijst in de kennisgeving naar de mogelijkheid tot inzage in het tuchtdossier, met inbegrip van het advies van de klassenraad, na afspraak.

De ouders hebben het recht om te worden gehoord, eventueel bijgestaan door een vertrouwenspersoon.

Dit gesprek moet uiterlijk vijf schooldagen na ontvangst van de kennisgeving plaatsvinden.

3°  De tuchtstraf moet in overeenstemming zijn met de ernst van de feiten.

4° De genomen beslissing van de directeur wordt schriftelijk gemotiveerd en binnen de drie schooldagen aangetekend  aan de ouders bezorgd. In dit aangetekend schrijven wordt de mogelijkheid vermeld tot het instellen van het beroep, alsook de bepalingen uit het schoolreglement die hier betrekking op hebben.


Artikel 19 Tuchtdossier

Een tuchtdossier van een leerling wordt opgesteld en bijgehouden door de directeur.

Het tuchtdossier omvat een opsomming van:

-de gedragingen 

-de reeds genomen ordemaatregelen;

-de gedragingen die niet overeenstemmen met het individueel begeleidingsplan;

-de reacties van de ouders op eerder genomen maatregelen;

-het gemotiveerd advies van de klassenraad;

-het tuchtvoorstel en de bewijsvoering ter zake.


Artikel 20  Beroepsprocedure tegen definitieve uitsluiting

1 Ouders kunnen een beslissing tot definitieve uitsluiting betwisten en kunnen een beroepsprocedure instellen. De ouders stellen het beroep in bij het schoolbestuur. 

Dit beroep moet binnen de vijf schooldagen na kennisneming van de feiten aangetekend ingediend worden bij het schoolbestuur.

Het beroep:

-wordt gedateerd en ondertekend 

-vermeldt ten minste het voorwerp van beroep met omschrijving en motivering van de ingeroepen bezwaren. 

-kan aangevuld worden met overtuigingsstukken

2 Het beroep wordt behandeld  door een beroepscommissie , opgericht door het schoolbestuur.

3 De beroepscommissie bestaat uit een delegatie van 2 externe leden en een delegatie van 5 interne leden en wordt in functie van een concreet beroep samengesteld door het college van burgemeester en schepenen.

4 De voorzitter wordt door het College van burgemeester en schepenen onder de externe leden aangeduid.

5 Het beroep door een beroepscommissie kan leiden tot:

1° de gemotiveerde afwijzing van het beroep op grond van onontvankelijkheid als:

- de in het schoolreglement  opgenomen  termijn voor indiening van het beroep is overschreden;

- het beroep niet voldoet aan de vormvereisten opgenomen in het schoolreglement;

2° de bevestiging van de definitieve uitsluiting,

3° de vernietiging van de definitieve uitsluiting. 

6 Het resultaat van het beroep wordt gemotiveerd en aangetekend aan de ouders bezorgd binnen de drie schooldagen na de beslissing van de beroepscommissie. Bij de kennisgeving van de beslissing moeten de beroepsmogelijkheden bij de Raad van State worden vermeld.

7 Bij overschrijding van deze vervaltermijn is de omstreden definitieve uitsluiting van rechtswege nietig.

8 Het beroep schort de uitvoering van de beslissing tot definitieve uitsluiting niet op.


Hoofdstuk 9 Getuigschrift basisonderwijs 

Artikel 21 Het getuigschrift toekennen

Het schoolbestuur kan een getuigschrift basisonderwijs uitreiken, op voordracht en na beslissing van de klassenraad.
Het getuigschrift wordt toegekend uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar, of na een beroepsprocedure.

De klassenraad beslist op een gemotiveerde wijze of een regelmatige leerling in voldoende mate de doelen uit het leerplan die het bereiken van de eindtermen beogen, heeft bereikt om het getuigschrift basisonderwijs te verwerven.

Er bestaat geen minimumleeftijd om het getuigschrift basisonderwijs te behalen.

De regelmatige leerling ontvangt het getuigschrift basisonderwijs indien uit het leerlingendossier blijkt dat de leerling bij het voltooien van het lager onderwijs de doelen opgenomen in het leerplan in voldoende mate heeft bereikt.


Artikel 22 Het getuigschrift niet toekennen

Als de klassenraad het getuigschrift niet toekent, motiveert hij zijn beslissing op basis van het leerlingendossier en deelt het schoolbestuur dit uiterlijk op 30 juni van het lopende schooljaar aangetekend mee aan de ouders.

Een leerling die het getuigschrift basisonderwijs niet behaalt, krijgt een verklaring met de vermelding van het aantal en de soort van gevolgde schooljaren lager onderwijs .Naast deze verklaring heeft de leerling recht op een schriftelijke motivering waarom het getuigschrift basisonderwijs niet werd toegekend, alsook aandachtspunten voor de verdere schoolloopbaan.

Ouders die niet akkoord gaan met deze beslissing, kunnen uiterlijk binnen de drie werkdagen een overleg vragen met de directeur De bedoeling van dit overleg is om alsnog tot een overeenkomst te komen zonder dat de formele beroepsprocedure opgestart moet worden.

Dit overleg vindt plaats binnen de twee werkdagen na de aanvraag tot gesprek.

De school kan dit overleg niet weigeren en er moet een schriftelijke verslag van gemaakt worden. 

In dit verslag wordt meteen opgenomen of de directeur de klassenraad al dan niet opnieuw samenroept.

Wanneer de ouders niet akkoord gaan met de beslissing (hetzij om de klassenraad niet bijeen te roepen, hetzij om het getuigschrift niet toe te kennen), dan wijst de school de ouders schriftelijk op de mogelijkheid tot beroep bij de beroepscommissie. 

Indien de klassenraad bij zijn oorspronkelijke beslissing blijft, wordt zij opnieuw gemotiveerd en door het schoolbestuur aangetekend meegedeeld aan de ouders, uiterlijk binnen de drie werkdagen . Wanneer de ouders niet akkoord gaan met de beslissing dan wijst de school de ouders schriftelijk op de mogelijkheid tot beroep bij de beroepscommissie.


Artikel 23 Beroepsprocedure

1 Ouders kunnen het niet-toekennen van een getuigschrift door de klassenraad betwisten en kunnen een beroepsprocedure instellen, na voorgaande stappen, zoals beschreven in artikel 23.

Dit beroep moet door de ouders aangetekend en binnen de vijf werkdagen  ingediend worden bij het schoolbestuur.

Het beroep: 

-wordt gedateerd en ondertekend; 

-vermeldt ten minste het voorwerp van beroep met omschrijving en motivering van de ingeroepen bezwaren;

-kan aangevuld worden met overtuigingsstukken; 

2 Het beroep wordt behandeld door een beroepscommissie, opgericht door het schoolbestuur.

3 De beroepscommissie komt bijeen uiterlijk tien werkdagen na het ontvangen van het beroep.

De beroepsprocedure wordt voor de duur van zes weken opgeschort met ingang van 11 juli.

4 Het beroep door een beroepscommissie kan leiden tot:

1° de gemotiveerde afwijzing van het beroep op grond van onontvankelijkheid als:

-de in het schoolreglement opgenomen termijn voor indiening van het beroep is overschreden;

-het beroep niet voldoet aan de vormvereisten opgenomen in het schoolreglement;

2° de bevestiging van het niet toekennen van het getuigschrift basisonderwijs;

3° de toekenning van het getuigschrift basisonderwijs. 

5 Het resultaat van het beroep wordt gemotiveerd en aangetekend aan de ouders bezorgd, uiterlijk op 15 september daaropvolgend, met vermelding van de verdere beroepsmogelijkheid bij de Raad van State (termijn en modaliteiten zie artikel 20 § 6)

6 De ouders kunnen zich gedurende de procedure laten bijstaan door een raadsman.
Dit kan geen personeelslid van de school zijn.


Artikel 24

Iedere leerling die bij het voltooien van het lager onderwijs geen getuigschrift basisonderwijs krijgt, heeft recht op een schriftelijke motivering met inbegrip van bijzondere aandachtspunten voor de verdere schoolloopbaan, en een verklaring met de vermelding van het aantal en de gevolgde schooljaren lager onderwijs, afgeleverd door de directie. 


Artikel 25

Het meegeven van het getuigschrift en rapport kan om geen enkele reden worden ingehouden, ook niet bij verzuim door de ouders van hun financiële verplichtingen.


Hoofdstuk 10 Onderwijs aan huis en synchroon internetonderwijs 


Artikel 26

1 Het onderwijs aan huis en synchroon internetonderwijs is kosteloos.

2 Alle leerlingen van het basisonderwijs (kleuter- en lager onderwijs) die wegens ziekte langdurig of korte opeenvolgende periodes niet op school aanwezig kunnen zijn, hebben onder bepaalde voorwaarden recht op 4 lestijden onderwijs aan huis per week, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beide.

3 Voor tijdelijk onderwijs aan huis dienen volgende voorwaarden gelijktijdig te zijn vervuld:

-De leerling is meer dan eenentwintig opeenvolgende kalenderdagen afwezig, vakantieperiodes meegerekend, wegens ziekte of ongeval, of de leerling is chronisch ziek en is negen halve dagen afwezig;

-De ouders (of de personen die de minderjarige in rechte of in feite onder hun bewaring hebben) dienen een schriftelijke aanvraag in bij de directeur van de school.

-De afstand tussen de school en de verblijfplaats van de betrokken leerling bedraagt ten hoogste tien kilometer.

-Bij een chronische ziekte kan het tijdelijk onderwijs aan huis ook gedeeltelijk op school georganiseerd worden. Dit is mogelijk na een akkoord tussen de ouders en de school en vindt plaats buiten de normale schooluren en niet tijdens de middagpauze.

4 De aanvraag voor tijdelijk onderwijs aan huis, gebeurt door de ouders, per brief of via een specifiek aanvraagformulier.

Bij die aanvraag gaat een medisch attest waarop de arts attesteert dat de leerling niet of minder dan halftijds naar school kan gaan (bij langdurige afwezigheid wegens ziekte of ongeval) of waarop de arts-specialist attesteert dat de leerling lijdt aan een chronische ziekte, maar wel onderwijs mag krijgen.

De aanvraag van de ouders en de medische vaststelling van de chronische ziekte door de arts-specialist moet niet bij elke afwezigheid of bij elke periode van 9 halve dagen afwezigheid opnieuw gebeuren, maar blijft geldig gedurende de volledige periode van de inschrijving van de leerling op de school.

5 De school zal de ouders individueel op de hoogte brengen van het bestaan en de mogelijkheden van het TOAH, van zodra duidelijk is dat de leerling in aanmerking zal komen voor het TOAH. Kleuters zijn nog niet leerplichtig, dit neemt niet weg dat ook de ouders van deze doelgroep geïnformeerd worden over TOAH.

Indien aan al deze voorwaarden is voldaan, zal de school de dag na het ontvangen van de aanvraag en vanaf de tweeëntwintigste kalenderdag afwezigheid en voor de verdere duur van de afwezigheid van het kind, voor vier lestijden per week onderwijs aan huis verstrekken.

Bij chronisch zieke kinderen is onderwijs aan huis, mogelijk telkens het kind negen halve dagen (hoeven niet aan te sluiten) afwezig was.

6 Bij verlenging van de afwezigheid moeten de ouders opnieuw een schriftelijke aanvraag, vergezeld van een medisch attest, indienen bij de directeur.

Bij chronisch zieke leerlingen hoeft er niet telkens opnieuw een medisch attest voorgelegd worden en volstaat een schriftelijke aanvraag van de ouders.

7 Kinderen die na een periode van onderwijs aan huis, de school hervatten, maar binnen een termijn van 3 maanden opnieuw afwezig zijn wegens ziekte, hebben onmiddellijk recht op onderwijs aan huis, synchroon internetonderwijs of een combinatie van beiden. Wel moet het onderwijs aan huis opnieuw worden aangevraagd .

8 De concrete organisatie wordt bepaald na overleg met de directeur.

9 De centrale organisator voor synchroon internetonderwijs is vzw Bednet.  Bednet bepaalt autonoom welke leerlingen in aanmerking komen voor synchroon internetonderwijs op basis van een aantal criteria, waaronder de ondersteuningsbehoefte van de leerling en het positief engagement van de leerling, de ouders, de school en het CLB.

10 Bij een langdurige afwezigheid wordt een minimale afwezigheid van 4 weken vooropgesteld vooraleer de leerling recht heeft op synchroon internetonderwijs.

11 Bij een frequente afwezigheid wordt een minimale geplande afwezigheid  van 36 halve dagen op jaarbasis vooropgesteld vooraleer een leerling recht heeft op synchroon internetonderwijs.

12 Synchroon internetonderwijs kan door alle betrokkenen bij de begeleiding van de leerling aangevraagd worden via de webstek van vzw Bednet :

http://www.bednet.be/aanvraag-aanmaken


Hoofdstuk 11 Schoolraad, ouderraad en  leerlingenraad 


Artikel 27

De schoolraad wordt samengesteld uit vertegenwoordigers van de volgende geledingen:

1° de ouders;

2° het personeel;

3° de lokale gemeenschap


Artikel 28

Er wordt een ouderraad opgericht, wanneer ten minste tien procent van de ouders erom vraagt. Het moet gaan over ten minste drie ouders.

De leden van de ouderraad worden verkozen door en uit de ouders. Iedere ouder kan zich verkiesbaar stellen en kan één stem uitbrengen. De stemming is geheim.


Artikel 29

De school richt een leerlingenraad op als ten minste 10% van de leerlingen van het vijfde en zesde leerjaar er om vragen.

Hoofdstuk 12 Leerlingengegevens, privacy en gegevensbescherming


Artikel 30 Gegevensbescherming en informatieveiligheid

De school verwerkt persoonsgegevens van leerlingen en ouders in het kader van haar opdracht. Het schoolbestuur is de eindverantwoordelijke voor deze verwerking en de veiligheid ervan.

Het schoolbestuur en de school leven de verplichtingen na die voortvloeien uit de regelgeving inzake privacy en gegevensbescherming en gaan zorgvuldig om met deze persoonsgegevens. Het schoolbestuur zorgt voor een afdoend niveau van gegevensbescherming en informatieveiligheid. Het beschikt hiervoor over een informatieveiligheidsconsulent. De school heeft een aanspreekpunt dat in contact staat met de informatieveiligheidsconsulent en betrokken wordt in het informatieveiligheidsbeleid van het schoolbestuur (wat onderwijs betreft).

De school zal enkel gegevens verwerken met de toestemming van de ouders, tenzij er een andere wettelijke grondslag is voor de verwerking. Deze toestemming moet vrij, specifiek, geïnformeerd en ondubbelzinnig zijn.

Over het gebruik van sociale media in de klas worden afspraken gemaakt.

De school is transparant over de verwerking van persoonsgegevens en verstrekt de nodige informatie, al dan niet in detail, met inbegrip van de afspraken die gemaakt zijn met derden en bewerkers die persoonsgegevens ontvangen.

Verder hanteert de school een strikt beleid inzake toegangsrechten en paswoorden en reageert ze adequaat op datalekken.

De meer concrete regels voor de gegevensverwerking en -bescherming worden vastgelegd in een privacyverklaring die tot doel heeft:

-  de persoonlijke levenssfeer van de betrokkenen te beschermen tegen verkeerd en onbedoeld gebruik van de persoonsgegevens;

-  vast te stellen welke persoonsgegevens worden verwerkt en met welk doel dit gebeurt;

-  de zorgvuldige verwerking van persoonsgegevens te waarborgen;

-  de rechten van betrokkene te waarborgen.

Personeelsleden van de school waar de leerling met een verslag of een gemotiveerd verslag ingeschreven is of de lessen volgt, hebben recht op inzage van het verslag of het gemotiveerde verslag uit het multidisciplinaire dossier van de leerling. Dat recht op inzage geldt ook voor de personeelsleden van de school voor buitengewoon onderwijs die in het kader van het ondersteuningsmodel instaan voor de begeleiding van de leerling met een verslag of een gemotiveerd verslag. Bij elke inzage wordt de regelgeving over de bescherming van natuurlijke personen bij de verwerking van persoonsgegevens toegepast.

  

Artikel 31  Meedelen van leerlingengegevens aan ouders

Ouders hebben recht op inzage en recht op toelichting bij de gegevens die op de leerling betrekking hebben, waaronder de evaluatiegegevens, die worden verzameld door de school. Indien na de toelichting blijkt dat de ouders een kopie willen van de leerlingengegevens, hebben ze kopierecht.

Iedere kopie dient persoonlijk en vertrouwelijk behandeld te worden, mag niet verspreid worden noch publiek worden gemaakt en mag enkel gebruikt worden in functie van de onderwijsloopbaan van de leerling.

Ouders kunnen zich daarnaast beroepen op de wetgeving op openbaarheid van bestuur die voorziet in een recht op inzage, toelichting en/of kopie. Hiertoe richten ze een vraag tot het College van burgemeester en schepenen dat bekijkt of toegang kan worden verleend.

Als een volledige inzage in de leerlingengegevens een inbreuk is op de privacy van een derde, dan wordt de toegang tot deze gegevens verstrekt via een gesprek, gedeeltelijke inzage of rapportage.

 

Artikel 32  Meedelen van leerlingengegevens aan derden

De school zal geen leerlingengegevens meedelen aan derden, tenzij voor de toepassing van een wettelijke of reglementaire bepaling of in het kader van een overeenkomst die de school afsluit met een verwerker voor leerplatformen, leerlingenvolgsystemen, leerlingenadministratie e.d.m.

Een gemeenteraadslid kan in het kader van zijn controlerecht inzage krijgen in gegevens van leerlingen op voorwaarde dat deze gegevens noodzakelijk zijn om het controlerecht effectief uit te kunnen oefenen (aftoetsen van de finaliteit, proportionaliteit, transparantie en veiligheid.)

Ook in het kader van het lidmaatschap bij de Onderwijskoepel van Steden en Gemeenten (OVSG) en de daaruit voortvloeiende dienstverlening kunnen er leerlingengegevens worden meegedeeld.

Bij verandering van school door een leerling worden tussen de betrokken scholen leerlingengegevens overgedragen naar de nieuwe school op voorwaarde dat:

1° de gegevens enkel betrekking hebben op de leerling specifieke onderwijsloopbaan;

2° de overdracht gebeurt in het belang van de leerling;

3° ouders zich niet expliciet verzet hebben, tenzij de regelgeving de overdracht verplicht stelt.

Een kopie van een verslag of een gemotiveerd verslag van een CLB  moet verplicht overgedragen worden van de oude school naar de nieuwe school. Ouders kunnen zich tegen deze overdrachten niet verzetten.

Gegevens die betrekking hebben op schending van leefregels door de leerling mogen nooit aan de nieuwe school doorgegeven worden.

 

Artikel 33  Geluids- en beeldmateriaal gemaakt door de school

De school kan geluids- en beeldmateriaal van leerlingen maken en publiceren.

Voor het maken en publiceren van niet-gericht geluids- en beeldmateriaal in school gerelateerde publicaties zoals de website van de school of gemeente, publicaties die door de school of gemeente worden uitgegeven, wordt de toestemming van de leerlingen/ouders vermoed. Onder niet-gericht geluids- en beeldmateriaal verstaan we geluids- en beeldmateriaal dat een eerder spontane, niet geposeerde sfeeropname weergeeft zonder daarvoor specifiek één of enkele personen eruit te lichten. Het gaat bijvoorbeeld om een groepsfoto tijdens een activiteit van de school. De betrokken leerlingen/ouders kunnen schriftelijk hun toestemming weigeren.

Voor het maken en publiceren van gericht geluids- en beeldmateriaal zal voorafgaandelijk de toestemming van de leerling/ouders worden gevraagd. Hierbij worden het soort geluids- of beeldmateriaal, de verspreidingsvorm en het doel gespecificeerd.

Hoofdstuk 13 ICT-materiaal ter beschikking gesteld door de school, gebruik van smartphone, tablet, laptop, trackers of andere gelijkaardige toestellen, internet en sociale media.


Artikel 34

ICT-materiaal ter beschikking gesteld door de school

Als de school een laptop/chromebook/computer (hierna ICT- materiaal) ter beschikking stelt van de leerling, blijft deze eigendom van de school.

De leerling gaat met het ICT-materiaal zorgvuldig om en is verantwoordelijk voor het correcte gebruik en beheer ervan.

De leerling kan aansprakelijk worden gesteld voor schade aan de apparatuur ontstaan door verwijtbare nalatigheid of onachtzaamheid.

Bij vervanging van het toestel door diefstal of verlies worden de kosten doorgerekend aan de leerling wanneer er sprake is van bedrog, een zware fout of nalatigheid.

Het ICT-materiaal is strikt persoonlijk en de leerling zal deze niet aan derden ter beschikking stellen, verpanden noch op enige andere wijze vervreemden.

Het ICT-materiaal wordt uitsluitend gebruikt voor de uitoefening van werkzaamheden en het volgen van lessen. Het is de leerling verboden dit te gebruiken voor activiteiten die in strijd zijn met de doelstellingen van de school.

De leerling gebruikt het ICT-materiaal op een wettelijke manier met respect voor het auteursrecht en de privacy.

Het is aan de leerling verboden zelf software in de apparatuur in te brengen.

Bij beëindiging van het schoolverband wordt het ICT-materiaal in goede staat aan de school teruggegeven. Zoniet verbindt de leerling zich er toe de vervangingswaarde ervan aan de school te betalen.

Artikel 35

Het is niet toegestaan om beeld- of geluidsopnamen te maken op het domein van de school zonder toestemming van de school. Overeenkomstig de privacywetgeving mogen er geen beeld- of geluidsopnamen van medeleerlingen, personeelsleden of andere personen gemaakt worden of verspreid zonder hun uitdrukkelijke toestemming.

Artikel 36

Onder sociale media worden websites zoals Facebook, Netlog Instagram, Twitter, enz. verstaan. Er worden geen films, geluidsfragmenten, foto’s enz. op sociale websites geplaatst die betrekking hebben op de school zonder dat daar uitdrukkelijk toestemming voor wordt gegeven door de school. Dit geldt voor de leerlingen, ouders en grootouders en alle personen die onder hetzelfde dak wonen als de leerling.

Artikel 37

Bij communicatie via sociale media worden de normale fatsoensnormen in acht genomen. Cyberpesten is verboden.

Artikel 38

Het downloaden, installeren en verdelen van illegale software op school is verboden.

Artikel 39

Het internet van de school mag alleen gebruikt worden voor schoolse aangelegenheden.

Hoofdstuk 14 Absoluut en permanent algemeen rookverbod


Artikel 40

Er is een absoluut en permanent verbod op het roken van tabak of van soortgelijke producten (onder anderen shisha pen, de e-sigaret of heatsticks, …)

Dit verbod geldt binnen de volledige instelling, met inbegrip van zowel de gebouwen als de speelplaatsen, sportterreinen en andere open ruimten.

Er is eveneens een absoluut en permanent verbod op het roken van tabak of van soortgelijke producten tijdens extramuros-activiteiten.

Bij overtreding van deze bepaling 

  • zal de leerling gesanctioneerd worden volgens het orde- en tuchtreglement opgenomen in dit schoolreglement;
  • zullen ouders en/of bezoekers verzocht worden te stoppen met roken of het schooldomein te verlaten. 

Hoofdstuk 15 Leerlingenbegeleiding


Artikel 41

CLB : Contactgegevens

Het schoolbestuur heeft beleidsplan/beleidscontract afgesloten met Het Vrij CLB Brabant Oost een CLB met 4 vestigingen: Aarschot, Diest, Keerbergen en Tienen.  Onze school werkt samen met de vestiging Keerbergen:

Vestiging Keerbergen - Molenstraat 42 – 3140 Keerbergen

015 50 93 20 info-keerbergen@vrijclbbrabantoost.be

Zij werken met een vaste CLB-medewerker per school die de vragen onthaalt.  De meest actuele gegevens (wie en contactgegevens) vind je op hun website: www.vrijclb.be/vrijclbbrabantoost

De openingsuren op de 4 vestigingen zijn:

van maandag tot vrijdag van 8u30 tot 12u30 en van 13. tot 16u30 (op vrijdag tot 16u.).

Op maandagnamiddag  -enkel telefonisch- bereikbaar van 16u30 tot 18u. (niet tijdens schoolvakanties).

Je kan ook langskomen buiten deze uren maar dan enkel op afspraak.

De vestigingen van Diest, Keerbergen en Tienen zijn op maandagnamiddag niet bereikbaar wegens intern teamoverleg.


Hoe werkt het CLB?


Het CLB heeft de opdracht leerlingen te begeleiden in hun functioneren op school en in de maatschappij. Die begeleiding van leerlingen situeert zich op vier domeinen: 

  • het leren en studeren
  • de onderwijsloopbaan
  • de preventieve gezondheidszorg
  • het psychisch en sociaal functioneren

De school en het CLB hebben afspraken en aandachtspunten voor leerlingenbegeleiding vastgelegd in ‘samenwerkingsafspraken’ die jaarlijks geëvalueerd worden.  


Hoe werkt het CLB?

Het CLB werkt vraaggestuurd vertrekkende vanuit vastgestelde noden, vragen van de leerling, zijn ouders of de school.

Als de school aan het CLB vraagt om een leerling te begeleiden, zal het CLB een begeleidingsvoorstel doen. Die begeleiding zal enkel starten als deze leerling hiermee instemt. Vanaf de leeftijd van 12 jaar geldt dat de leerling zelf in principe voldoende in staat bent om dit soort beslissingen zelfstandig te nemen (de leerling wordt dan met andere woorden bekwaam geacht). Is dat niet het geval, dan is de instemming van zijn/haar ouders nodig. De leerling en zijn ouders worden in elk geval zo veel mogelijk betrokken bij de verschillende stappen van de begeleiding.

De school heeft recht op begeleiding door het CLB. Het CLB kan bepaalde problemen of onregelmatigheden in het beleid van de school signaleren en de school op de hoogte brengen van bepaalde behoeften van de leerlingen. Daarnaast biedt het CLB versterking aan de school bij problemen van individuele leerlingen of een groep leerlingen.

School en CLB wisselen op contactmomenten (cel leerlingbegeleiding)enkel die gegevens over jou uit die nodig zijn voor de begeleiding op school. De ouders of de leerling (in principe vanaf je 12 jaar) moeten toestemming geven bij het doorgeven van informatie verzameld door het CLB. 

Het CLB stelt het welzijn en de rechten van kinderen en jongeren CENTRAAL. Zij willen voor elke leerling meewerken aan gepaste zorg en gelijke kansen in het onderwijs, samen met de school en andere diensten.

De werking van een CLB verloopt VRAAGGESTUURD. Wij gaan in op vragen van de leerling zelf, de ouders of de school. CLB-begeleiding is volledig GRATIS. Ze werken discreet en hebben BEROEPSGEHEIM. Op een CLB werken mensen met verschillende opleidingen IN TEAM samen. Indien nodig verwijzen zij door naar een gespecialiseerde dienst. 


Enkele tussenkomsten van het CLB gebeuren niet op vraag maar zijn VERPLICHT (noch ouders, noch leerlingen kunnen zich hiertegen verzetten):

o Medische contactmomenten (collectieve medische onderzoeken of preventieve

gezondheidsmaatregelen i.v.m. besmettelijke ziekten)

o Toezicht op vaccinaties

o Maatregelen bij besmettelijke ziekten

o Hulp en opvolging bij afwezigheidsproblemen en bij verontrustende situaties

o Ondersteuning van het CLB aan de leerkrachten op school bij problemen van individuele leerlingen of een groep leerlingen

o Ook tegen de overdracht van een gemotiveerd verslag of verslag (opgemaakt vóór 1 

september 2023) of van een GC-, IAC- of OV4-verslag (opgemaakt vanaf 1 september 2023) 

kun je je niet verzetten. In principe worden deze verslagen bijgehouden in IRIS-CLB online. 


Leerlinggegevens

Het CLB maakt voor elke leerling één multidisciplinair dossier (= CLB-dossier) aan van zodra een leerling een eerste keer is ingeschreven in een school.  De CLB-medewerker houdt daarbij rekening met de regels over zijn beroepsgeheim en de bescherming van de privacy. Voor meer informatie over de inhoud van het CLB-dossier en over de procedure om toegang of een kopie te bekomen, kan de leerling of zijn ouders contact opnemen met het CLB waarmee de school samenwerkt.

Nieuwe leerlingen: Als een nieuwe leerling komt van een school die samenwerkt met een ander CLB, zal het CLB-dossier 10 werkdagen na de inschrijving bezorgd worden aan het nieuwe CLB. Noch de leerling, noch de ouders hoeven daar zelf iets voor te doen. Bij een inschrijving voor een volgend schooljaar wordt het dossier pas na 1 september overgedragen. 

Als je als leerling of als ouder niet wil dat je dossier wordt overgedragen, moet je dit binnen een termijn van 10 werkdagen na de inschrijving schriftelijk laten weten aan het vorige CLB. Het adres van dat vorige CLB is te vinden op de website van die school of op www.onderwijskiezer.be.

Een leerling of zijn ouders kunnen zich niet verzetten tegen het overdragen van identificatiegegevens, (indien van toepassing) een kopie van het gemotiveerd verslag, (indien van toepassing) een verslag en gegevens in het kader van de verplichte begeleiding van leerlingen met leerplichtproblemen en gegevens in het kader van de systematische contacten. Ook tegen de overdracht van een gemotiveerd verslag of verslag kan men zich niet verzetten. In principe worden gemotiveerde verslagen en verslagen bijgehouden in IRIS-CLB online.


Systematische contactmomenten in kader van preventieve gezondheidszorg

De huidige regelgeving voorziet vier verplichte contactmomenten en twee vaccinatiemomenten:

1ste kleuterklas - op CLB (met ouders)

1ste leerjaar - op school

4de leerjaar - op school

5de leerjaar - vaccinatie op school

6de leerjaar - op CLB

     

De systematische contactmomenten vinden plaats in het kader van de preventieve gezondheidszorg.  Het contactmoment in de eerste kleuterklas is samen met de ouder(s).   Naast de gerichte medische opvolging is er aandacht voor de ontwikkeling en het welbevinden van uw kind.  Het CLB biedt ook vaccinaties aan.

De vaccinatiemomenten op school:

  • 6 jaar of in het eerste leerjaar (op school – samen met het systematisch contact): Polio en DiTePe (kroep, tetanus en kinkhoest) 
  • 10-11 jaar in het vijfde leerjaar (op school): Mazelen, Bof, Rubella


Als ouders of de leerling zelf (in principe vanaf je twaalf jaar) bij een verplicht medisch onderzoek bezwaar hebben tegen een bepaalde medewerker van het CLB, kan dat voortaan niet enkel via aangetekende brief of via brief tegen afgiftebewijs. De regelgeving voorziet nu ook in de mogelijkheid voor de ouder om het bezwaar via een beveiligde digitale zending aan de directeur van het CLB te sturen.

De leerling moet dan wel binnen een termijn van negentig dagen dat medisch onderzoek laten uitvoeren door een andere CLB-medewerker of door een andere arts. In dat laatste geval zullen de ouders zelf de kosten moeten betalen. De leerling of zijn ouders bezorgen binnen vijftien dagen na de datum van het onderzoek hiervan een verslag aan de bevoegde CLB-arts van het CLB dat onze school begeleidt.

We specifiëren hier ook dat de ouder/bekwame leerling een vaccinatie kan weigeren. Dit moet voor elke vaccinatie apart gebeuren. Ouders/bekwame leerlingen kunnen dus niet eenmalig weigeren voor alle vaccinaties in hun volledige onderwijsloopbaan.

Het nemen van profylactische maatregelen waar nodig

De huisarts ,de ouders of de directeur hebben de plicht om de CLB-arts te verwittigen bij besmettelijke infectieziekten.

Het CLB treft de nodige profylactische maatregelen. De maatregelen zijn bindend voor leerlingen, ouders en personeel.


Ter info: bij volgende infectieziekten neemt de schooldirecteur contact met het CLB:

  • Bof (dikoor)
  • Buikgriep/voedselinfecties (vanaf 2 of meer gevallen (binnen een week) in een (klas)groep) 
  • Buiktyfus
  • COVID-19 (coronavirus)
  • Hepatitis A 
  • Hepatitis B 
  • Hersenvliesontsteking (meningitis) 
  • Infectie met EHEC (Escherichia coli, verwekker van een zeer ernstige vorm van buikgriep) 
  • Infectie met Shigella (verwekker van een zeer ernstige vorm van buikgriep)
  • Kinderverlamming (polio)
  • Kinkhoest (pertussis) 
  • Krentenbaard (impetigo)
  • Kroep (difterie) 
  • Mazelen 
  • Rode hond (rubella)
  • Roodvonk (scarlatina)
  • Schimmelinfecties 
  • Schurft (scabiës)Tuberculose
  • Windpokken (varicella, waterpokken) 


Bij vragen of bezorgdheden in verband met infectieziekten die niet in bovenstaande lijst vermeld worden, mag ook steeds contact worden genomen met het CLB.

Informatiemomenten rond Onderwijsloopbaanbegeleiding:

In de vorm van algemene informatiemomenten geeft het CLB aan ouders en leerlingen heel wat informatie mee die zinvol is bij belangrijke overgangen.  De data van de informatiemomenten voor ouders vinden jullie op de CLB-website en worden aan de betrokken ouders meegedeeld via een brief dat u via de school ontvangt.
Ook alle materialen hieromtrent vinden jullie op de CLB-website.

  • 3de kleuterklas: overstap naar lagere school:
    • Infoavond voor ouders rond ‘kleuters in ontwikkeling’
  • 6de leerjaar: overstap naar secundair onderwijs
    • Infoavond voor ouders rond ‘de structuur van het Secundair Onderwijs’
    • Op vraag van school: informatie aan leerlingen rond de structuur van het secundair onderwijs


Extra informatie over het CLB:

  • Algemene folder ‘Vrij CLB Brabant Oost’ en flyer ‘CLB helpt…’ kan u op de CLB-website terugvinden (www.vrijclb.be/vrijclbbrabantoost ), op het CLB zelf, op het secretariaat van de school.
  • Ook op de CLB-website vindt u een aantal nuttige dingen, waaronder een filmpje over de CLB-werking in het Vrij CLB Brabant Oost, vestiging Keerbergen.
  • Op CLBchat.be ben je als leerling en ouder welkom met al je (anonieme) vragen of verhalen. Je vindt alle informatie en de openingsuren van de chat op hun website.
  • Op www.onderwijskiezer.be vind je als leerling en ouder veel informatie over het onderwijslandschap


Privacyverklaring   


Inhoud 

  1. Bescherming van persoonsgegevens 
  2. Tot wie kunt u zich wenden met vragen? 
  3. Voor welke doeleinden worden uw gegevens verwerkt? 
  4. Welke personen of categorieën van personen kunnen uw gegevens “ontvangen” (inkijken, aanpassen, beheren)? 
  5. Hoe worden uw persoonsgegevens ingezameld? 
  6. Hoe lang worden uw gegevens bewaard? 
  7. Wat zijn uw rechten? 
    1. Recht op intrekken toestemming 
    2. Recht op indienen klacht bij toezichthoudende autoriteit 
  8. Op basis waarvan mogen wij uw gegevens verwerken? 

 


1. Bescherming van persoonsgegevens 

 Onze school hecht groot belang aan de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en verwerkt de persoonsgegevens die haar verstrekt worden met de grootste zorg. Hieronder geven we graag meer uitleg hoe wij met de persoonlijke gegevens van onze leerlingen, ouders en personeel omspringen. Dit doen we volgens de transparantieplicht binnen de privacywetgeving en in het bijzonder de Algemene gegevensverordening / General Data Protection Regulation (AVG / GDPR). Het privacybeleid van onze school valt onder het algemeen gevoerde informatieveiligheidsbeleid van de school en het gemeentebestuur. 

 

2. Tot wie kunt u zich wenden met vragen? 

Het gemeentebestuur van Kampenhout, Gemeentehuisstraat 16, 1910 Kampenhout  is de verwerkingsverantwoordelijke. De individuele school die uw persoonsgegevens verwerkt wordt - in de betekenis van de GDPR - niet beschouwd als verantwoordelijke.  

Met vragen over het gevoerde privacybeleid en de genomen maatregelen kunt u terecht bij de directeur via het emailadres directie@detoverberg.be  en/of bij het aanspreekpunt informatieveiligheid van onze school via het e-mailadres privacy@kampenhout.be  

 

3. Voor welke doeleinden worden uw persoonsgegevens verwerkt? 

 Onze school verwerkt uw persoonsgegevens om de dienstverlening van de school te kunnen uitvoeren.  De school verwerkt uw gegevens niet voor commerciële doeleinden. Noch gebruikt onze school uw gegevens om interesseprofielen (profiling) aan te maken, zonder dat u hiervoor uw toestemming geeft.  

 

4. Welke personen of categorieën van personen kunnen uw gegevens “ontvangen” (inkijken, aanpassen, beheren)? 

 De personeelsleden van de school hebben toegang tot uw gegevens, voor zover zij die nodig hebben in de uitvoering van hun taken. Niet iedereen binnen de school heeft toegang tot dezelfde informatie.  

Voor de uitvoer van bepaalde taken doet de school beroep op “verwerkers”. Dit zijn externe partijen die enkel in opdracht van de school persoonsgegevens verwerken. Voorbeelden van deze externe partijen zijn:  

  • ICT-bedrijven waar het school mee samenwerkt,  
  • Externe partners waar activiteiten mee georganiseerd worden 
  • … 

De school stelt met deze verwerkers een “verwerkersovereenkomst” op, overeenkomstig de bepalingen van de GDPR/AVG.  

 

5. Hoe worden uw persoonsgegevens ingezameld? 

 De school zal steeds de nodige gegevens bij u opvragen, op papier of via digitale weg. Enkel voor wettelijk vastgelegde doelen kan er informatie opgevraagd worden bij andere partijen. Als school verbinden we ons ertoe hiervoor telkens nauwgezet de wetgeving te volgen en u, op uw vraag, hierover te informeren. 

 

6. Hoe lang worden uw gegevens bewaard? 

 Uw gegevens worden bewaard zo lang als nodig is om de dienstverlening uit te voeren. Bepaalde gegevens zullen langer bewaard worden indien de archiefwetgeving ons hiertoe verplicht.  

 

7. Wat zijn uw rechten? 

 U heeft het recht om inzage te krijgen tot de gegevens die wij over u verwerken. Hiervoor kan u de directeur of het aanspreekpunt van de school contacteren. De school houdt hiertoe een register van verwerkingsactiviteiten bij (verplicht door GDPR art. 30). U heeft het recht om : 

  • gegevens over u te (laten) verbeteren (rectificatie) 
  • uw gegevens te (laten) wissen 
  • de verwerking van uw gegevens te beperken 
  • bezwaar te maken tegen de verwerking van uw gegevens 
  • uw gegevens op te vragen in een leesbaar bestand om zo deze gegevens over te dragen naar een andere instantie (recht op gegevensoverdraagbaarheid) 

1 Recht op intrekken toestemming 

U heeft steeds het recht om uw toestemming voor de verwerking van uw gegevens in te trekken, indien de rechtmatigheid van de verwerking is gebaseerd op uw toestemming. De gegevens verwerkt in de periode waarin u uw toestemming heeft verleend, blijven rechtmatig verwerkt.  

2 Recht op indienen klachten bij toezichthoudende autoriteit 

Als u het niet eens bent met de verwerking van uw gegevens, of u hebt inbreuken vastgesteld kan u zich wenden tot de gegevensbeschermingsautoriteit:  

Privacycommissie  

Drukpersstraat 35, 1000 Brussel 

TEL: +32 (0)2 274 48 00 FAX: +32 (0)2 274 48 35 

commission(at)privacycommission.be 

 

8. Rechtsgrond voor de verwerking van uw gegevens 

 De GDPR bepaalt dat er verschillende rechtsgronden zijn op basis waarvan uw persoonsgegevens mogen verwerkt worden.  

De doelen van een school zijn voornamelijk verankerd in wetgeving. Denk maar aan  

  • Leerlingenadministratie 
  • Leerlingevaluatie 
  • Zorg voor leerlingen 
  • Leerlingen volgen in samenwerking met het CLB 
  • Personeelsadministratie 
  • … 

Indien de school op basis van wetgeving uw gegevens verwerkt, is er geen toestemming nodig. U wordt op het moment van het verwerken (inzamelen) van uw gegevens hierover ingelicht.  

Ook in uitvoering van contracten, het vrijwaren van uw vitaal belang of het algemeen belang is het niet nodig om uw toestemming te geven.  

Indien uw expliciete toestemming nodig is om een verwerking uit te voeren zal deze aan u gevraagd worden. 

Dienstverlening van de gemeente die bijvoorbeeld niet verankerd is in wetgeving kan zijn:  

  • Uitnodigingen voor schoolfeesten en -evenementen 
  • Gebruik van contactgegevens voor nieuwsbrieven 
  • Maken en gebruik van foto’s (andere dan individuele foto’s voor dossiers) 
  • … 

Bij elke verwerking zal door middel van een actieve handeling van u, uw toestemming gevraagd worden. Op de formulieren van de website zal u actief moeten aanvinken dat u akkoord gaat met de aangeboden verwerkingen. Op papieren formulieren is eveneens voorzien dat u actief “aanvinkt” akkoord te gaan met de verwerkingen.  

Bij elke inzameling van persoonsgegevens wordt duidelijk gemaakt waarvoor (het doeleinde) uw gegevens worden opgevraagd.  

Een overzicht van de verschillende verwerkingen met de daarbij horende rechtsgronden houdt het school bij in haar register van verwerkingsactiviteiten (verplicht door GDPR art. 30). U kan dit op eenvoudig verzoek inkijken.